Menu Close

Month: juli 2017

Nachtelijke avonturen on arrival

Smooth arrival

Arrival

Midden in de nacht slaat de warmte tegen onze lijven. Mumbai! De verwachte drukte op het vliegveld blijft uit, snel zijn we door de paspoortencontrole, mét stempel van India, joehoe, en keurig achter een hek staan alle taxichauffeurs te wachten. Ook die met het bord ‘Welkom to Kaivalyadham’. Binnen 10 minuten zijn we in het donkerte op weg naar het bergstadje Lonavala, ons thuis de komende tijd. Jana en Isha zitten met de neus tegen de ruiten geplakt, ondanks het late uur. Vooral Isha kan niet uit over de huizen die ze ziet. ‘In die huizen wil ik niet wonen hoor, dat lijken wel spookhuizen’, als we langs de krottenwijken rijden. En dat herhaalt ze nog enkele dagen. De armoede waarin de helft van de bevolking hier leeft, was zichtbaar en indrukwekkend.

Nachtelijk verkeer

Na een half uur vallen de meiden dan toch in slaap. Nadat onze chauffeur drie verschillende keren in het gezicht van een agent zijn naam moest zeggen, alcoholcontrole, zien we op de snelweg net zo vaak een ambulance bij een ongeluk. Tegen de tijd dat we de bergweg bereiken, zijn Tim en ik onder de indruk. Kilometers lang zwermen vrachtwagens over de vierbaans weg omhoog in een slakkengang. Ze blijven hier niet aan een kant (links zou dat zijn hier in India), waardoor de taxidriver onze eigen haarspeldbochten omhoog maakt, niet omdat de weg zo loopt, maar om tussen het zware verkeer door omhoog te slingeren. Het gaat steeds om enkele meters ruimte, waarbij de helft van de vrachtwagens een open laadruimte heeft, met daarin zware metalen buizen. Er zou er maar een los schieten als we er vlak achter zitten, om opnieuw een heldhaftige slalom te starten. Toch zitten we rustig, de chauffeur heeft dit vaker gedaan en hiermee begint onze overgave aan India.

We zien de lichtjes in de dalen en de temperatuur is aangenamer. Dat belooft in elk geval nachten die te beslapen zijn. Na twee uur rijden we door het stadje heen naar een buitenwijk die een stuk armer oogt en stoppen bij een wat hoger net gebouw. Dit wordt ons verblijf.

Frustratie en aanpassing

Isha slaapt diep, Jana wordt wakker en Tim sjouwt de koffers naar boven. Ik vraag me af hoe ik na deze reis überhaupt nog boven kom. Dat blijkt langzaam en met laatste krachten te lukken, maar bij aankomst boven is daar de eerste tegenvaller: we zien maar twee vrije bedden en er ligt een dame in ons appartement te slapen. Met enige frustratie tik ik (eufemisme) tegen de deur van de slaapkamer, die ze op slot had gedaan, terwijl daar nog een leeg bed staat. Met dat bed erbij komen we alsnog een bed tekort, waar op dit uur, inmiddels half 4 Indian time, niets meer aan gedaan kan worden. We adjust. Tim slaapt met de meiden in twee tegen elkaar geschoven (ongelijke!) bedden en ik stort neer op een bed in de hoek. Isha slaapt trouwens gewoon door al deze commotie heen, gelukkig.

De volgende ochtend vertrekt de jongedame naar haar rechtmatige verblijf en kunnen wij ons huisje gaan besnuffelen en de tassen uitpakken. Als eerste hangen we op: de fotohanddoeken met vriendinnen, de prachtige vriendinnenkalender die Jana kreeg, de verrassingsfoto die Isha van haar klas kreeg en een foto van de buurmeisjes. We make it a home.

Overgang Nederland – India

Met een stralende lach verschijnt de Indiase stewardess uit het niets met een overheerlijk uitziend ijsje op een deftig (echt, geen plastic) bordje voor Isha. Deze kijkt blij verrast en neemt een grote hap. Na 100 vluchten kan ik wel vertellen dat dit geen economy class service is en als ik om me heen kijk, zijn onze meiden ook de enige die ervan zitten te smikkelen in de volle Boeing 747.

“De eerste!” zei Tim lachend. Nog vele momenten van spontane gebaren voor onze meiden zullen volgen, weten we van eerdere reizen naar Azië.

Ik zit met mijn hoofd in het voedingskussen (heel handig overblijfsel uit de babytijd, nu ik deze ziekte heb) half een film te kijken over liefde, dood en tijd.

Of tijd nou lineair is of circulair of golvend, het is er. Tranen lopen over mijn gezicht. Ik voel me volledig. Met het verdriet en gemis én de ontdekking van wat komt en de artsen die op me wachten.

It’s all now

Isha en Jana die zich opkrullen en in slaap vallen in de vliegtuigstoelen. Het moment met een vriendin in de zon, kijkend naar onze kinderen, een dag voor vertrek. Met de rolstoel op Schiphol, waardoor we alle vier werden ontslagen van wachtrijen (elk nadeel heb z’n voordeel, was het toch?). De lieve briefjes die we pas onderweg mochten openen. De echo in ons lege huis vanmorgen. De afgelopen weken waarin we zoveel moois met velen deelden. De keuzes van wat past in de koffers en wat gaat weg. De ruzie, want wat staat ons te wachten daar? Onze reiziger-meisjes met hun tassen en onderzoekende houding. De hand van Tim door mijn haar. De film over het verlies van een kind en daarna het leven hervinden, door liefde die ook in de pijn is.
Alles in dit moment.Er gaan vast zware momenten komen, waarin we gemis voelen aan knuffels of Nederlands eten, of frustratie over de beperking door de ziekte, terwijl we daar op elkaar zijn aangewezen. Als de flow stokt en we uit verbinding met onszelf zijn. Ook die wil ik proberen in woorden door te geven.

Nu genieten we lekker nog even van die flow en de stromende vriendschap en verbinding waarmee we ruim gevoed Nederland hebben verlaten.

“Laat het stromen” begon met Jana’s project voor 4 waterpompen in Cambodja, waar mensen sinds maart dit jaar gebruik van maken. Dat stromen gaat gewoon in andere vormen door. Als het stroomt, blokkeert het niet. Als alle emoties en beyond stromen, leven we vrijer. Komen mensen samen, is de wereld een beetje fijner en is er meer kans op gezondheid.

Ik herinner me ineens een keer dat ik alleen in een vliegtuig naar Azië zat, twee jaar na Johans dood. Walkman in de oren, in tranen uit het raampje starend, toen een stewardess een hand op mijn schouder legde en me mooi briefpapier en een pen gaf “to write to who’s in your heart”. Ze wist niets van me. Ik bleef nog lang na de reis verbaasd om dat gebaar. Hoe ze me zag.

Ook nu weet deze stewardess niet wat deze vliegreis voor ons gezin betekent. Het onverwachte ijsje voelt als een welkom van ons tijdelijke nieuwe land. We zijn al gezien.