Menu Close

Month: augustus 2017

Eieren in de badkamer

Lief komt met gekookte eieren de badkamer inlopen, terwijl ik onder de douche uitkom. Even kijk ik verbaasd, maar dan komt het beeld van de zondvloed in de keuken terug. Gister stond ik af te wassen en schoot de afvoer onder de bak plots los. Vanmorgen om 9 uur zou iemand komen om het te maken. In ons korte India-leven hebben we inmiddels geleerd dat dat niet het geval zou zijn en hadden ook niemand verwacht. Dus de eieren, de afwas en ander keuken zaken, moeten nu via de badkamer. Read more

Dit gaat om jou

“Mama, het gaat niet om ons. Het gaat om jou.”

Even weet ik, geirriteerd, niet wat ze bedoelt, maar als ik in haar betraande ogen kijk, ben ik blij.

Zojuist tijdens het eten deed ik gefrustreerd en kortaf tegen de meiden. Ik had teveel gedaan en het rechtop zitten met eten, is dan teveel voor me. En dan kan ik niet meer reageren vanuit wat er is. Ik mopper, doe onredelijke vaststellingen en verwijt beide dochters onbenullige dingen.

Op eerdere momenten zoals deze, of eigenlijk meestal net er na, als de overprikkeling gezakt was, ging ik naar onze dames toe. Dan zei ik dat wat ze vroegen niet onterecht was. Of dat ik het misschien niet fijn vond hoe ze zich gedroegen, maar dat mijn reactie niet helemaal klopte met hun gedrag. Ik leg uit dat oude patronen in mij de baas zijn soms. Dat iets wat ik vroeger (onbewust) geleerd heb, dan zomaar omhoog komt en ik haast vanzelf dingen doe of zeg die ik eigenlijk niet bedoel of wil. Ik sluit dat soort momenten af met ‘eigenlijk heeft het niets met jullie te maken, maar is het iets in mij waar ik nog niet zo goed mee om kan gaan.’

Laatst voegde ik toe, dat ze dat ook tegen me mogen zeggen als ik boos doe of geprikkeld. Omdat ik dat zelf niet altijd meteen doorheb.

Dit was dus het eerste moment. Twee dagen daarvoor vijf geworden, zegt jongste heel dapper in tranen tegen me hoe het zit. Mama, het gaat niet om ons. Het gaat om jou. Door haar snoetje en die wijze woorden, ben ik direct terug bij de onderlaag. Ik zeg dat ze gelijk heeft. Dat het iets in mij is en ze het zich niet hoeven aan te trekken. Mijn hele geprikkeldheid is ook meteen een stuk minder, wonderbaarlijk genoeg. Ook bij hen is de verandering direct merkbaar en we zijn verbonden. Ik geef ze een kus allebei, zeg hoe moe ik ben en zodra mijn bord leeg is, ga ik op bed liggen. Hier in India staat dat, lekker handig, naast de eettafel.

Ik voel de dankbaarheid door mijn lijf stromen. Dat ik haar een beetje wegwijs kan maken rondom gedrag van de ander en wat het met je doet.

Dat vervelend gedrag van iemand niet per definitie aan haar ligt, maar bij de eigenaar van het gedrag hoort. Dat ze dat niet hoeft te verinnerlijken naar ‘ik ben niet goed genoeg’. Hoe ze zich uit kan spreken en met/op mij veilig kan oefenen. En dat tot slot, na dat proces, vaak een rustig gesprek over het aandeel van beide partijen in de situatie mogelijk is. Want er zijn altijd meerdere persepectieven.

Daarnaast, nu ik toch lekker op bed lig te mijmeren, voel ik dankbaarheid voor mijn persoonlijke pad. Steeds krijg ik nieuwe kansen om te ontwikkelen als ouder, als mens. I love motherhood.

 

Herstel, gezond en well – part 1: Hoe voelt ontspannen?

 29 juli 2017

“You need to relax and be happy” is het advies van de arts bij mijn eerste bezoek aan hem op de campus. Ik glimlach en vind zelf dat ik dat niet slecht deed, ondanks de ziekte die anderhalf jaar geleden op mijn pad kwam.  Ik voelde me vaak dankbaar en gelukkig. Met de innerlijke groeiprocessen, de moestuintjes van ah die ons lekkere groenten opleverde, de lieve mensen om ons heen en Jana, Isha en Tim natuurlijk.

Gemist en geleegd

Ja, ik miste mijn zingevende werk en was ik daar in mijn hoofd af en toe (teveel) mee bezig. Daarnaast moest ik door flinke interne obstakels heen om hulp echt aan te kunnen nemen en geen lijstjes aan te leggen wat ik voor iedereen terug kon doen: die de kinderen van school thuis bracht, me vervoer aanbood, of voor ons kookte. Het was een weg om het gevoel dat anderen misschien wel dachten dat ik me aanstelde, of een profiteur was, er te laten zijn, zonder er steeds naar te handelen (anderen zeiden juist dat het nu tijd was om eens t ontvangen ipv te geven, so it was all in my head).

En ik miste het om een ‘gewone’ dag te hebben: lekker op pad met het gezin, te wandelen of fietsen, mensen te ontmoeten en dan ’s avonds na het eten nog iets gezelligs te doen. Of te reizen, op de manier die wij omarmen: ontdekken, go with the flow en trekken.

Het was tegengesteld nu: veel plannen, vooral om de lege ruimte te bewaken. De stilte-tijd. Liggen. Mijn lichaam reageerde heftig als dat er te weinig was: braken, enorme pijn, extra duizelingen, uitputting, waziger zien en verergerde tinnitus. Of gescheurde knieband, gescheurde meniscus, hielspoor en achillespees-ontsteking. Met bijhorende vele artsen. Het was rusten omdat het niet anders kon.  Ware ontspanning was er eigenlijk niet bij.

Hormonaal herstel

Dus ja, wat de arts zei, is wat mijn lichaam zegt: er is inhaalwerk te doen, na vele jaren zonder voldoende hersteltijd, want alles was leuk en belangrijk. Ik heb nog een ontdekkingsreis te gaan, hoe ‘relaxed’ nou echt voelt. Zó dat mijn lijf gaat herstellen. Een arts in Nederland had het al genoemd, ‘dat even een uurtje of twee voor mezelf inplannen niet werkt, dat het hele ‘inplannen’ niet de ontspanning brengt die nodig is om mijn herstelhormonen te laten werken. Het volledige niets-hoeven, geen break in de to-do lijst, maar van binnen in volkomen rust aankomen. Dan pas is mijn lijf -in de huidige toestand- in staat om de juiste stoffen en juiste hoeveelheid aan te maken.

Stort ter aarde

Ik denk terug aan mijn eerste savasana, de dodemanshouding, tijdens de eerste yogales enkele jaren terug. Na flinke inspanning, plat op de grond in savasana, de houding van volledig loslaten. Mijn lichaam liet me tijdens die eerste les weten: ja! Dit is wat ik gemist hebt! En in alle yoga lessen die gevolgd zijn later, is dat een van de belangrijkste leerpunten geweest, ‘collapse tot the floor, totally relax’ bleef de yogateacher herhalen. Het lukt me langzaam aan. Het gaat als een stroom door mijn hele lichaam als het er is. So, collapse to recover.

Doe de helft

Maar nu dus, hier in India, een volgende fase. Het eerste wat de arts zei was, na niet meer dan 5 minuten met me gesproken te hebben en 3 minuten elke pols te hebben gevoeld: “leer je verantwoordelijkheidsgevoel los te laten”. Dus, mochten mensen om me heen merken dat ik afspraken of papieren vergeet, minder oplettend of attent ben: doktersadvies 🙂

Zonder gekheid, dat is wel precies wat deze ziekte onder meer veroorzaakte: ik stond afgelopen jaar geregeld bij verkeerde ziekenhuizen, zonder de juiste papieren bij de gemeente, vergat vaker afspraken of speciale momenten. Dus ook mijn lijf vertelde me dat het wel een tandje minder mocht. De bedrijfsarts was juist verrast hoeveel papieren ik al voor haar meegenomen had. Daaruit bleek volgens mijn geliefde opnieuw dat als ik de helft doe van wat ik normaal deed, het nog steeds ruimschoots is.

Hier in India kan ik die vaardigheid vast naar de next level tillen door wat meer te leven met de Indian Standard Time (hierover in een volgend blog).

Niet-weten: middel, doel of state of mind?

Het ruime jaar van uitzoeken, willen weten en samen met artsen plannen maken heeft wel wat opgeleverd, maar de ziekte liet me nog niet los. Ik was al een tijd vertrouwd met het niet-weten, kon het gebruiken om vragen te stellen, er gefrustreerd om zijn, of het juist laten. Maar ik was er continu bewust van. Tijdens mijn opleiding tot opsteller leerde ik vanuit het lege midden te werken. Het niet-weten actief doorstaan, om intuïtieve impulsen beter op te merken. Daar heb ik helende bewegingen gemaakt rondom ziekte en oude patronen, ook daarover later meer, die ik nu in praktijk kan toepassen. Hier in India, land van uitersten, komen mijn polariteiten vast samen. En tijdens de yogalessen die deel zijn van mijn herstelprogramma, is Savasana een vast onderdeel. Laat die herstelhormonen maar komen!

Bij de arts hier vergat ik de eerste keer – geheel tegen mijn gewoonte in – te vragen waar de ayurvedische medicatie die ik innam voor diende en hij legde niets uit. Ik ontdekte het pas, toen Tim er naar vroeg. Best relaxed, niet (altijd) te realiseren dat ik iets niet-weet 🙂

 

Wij willen terug

22 juli 2017

“Ik wil terug naar Nederland!”, klinkt het vanuit allebei onze dochters op dag 10 in India. Het is een antwoord op een vraag uit Jana’s kletsboek dat we met z’n vieren op bed invullen na het avondeten, ‘wat is je grootste wens?’

We verbaasden ons er al even over dat dit moment nog niet gekomen was bij hen, niet vóór vertrek en niet na aankomst hier. Bij het afscheid van vriendinnen was het fijn en vol lieve boodschappen aan elkaar, maar zonder tranen. Het uitzicht op de vlucht en het nog vage begrip India was vooral leuk voor ze. We beseften dat ze het, net als wij, niet konden overzien. Er zou een moment komen dat het idee ‘India’, dat hun nieuwsgierigheid en ontdekkingszin prikkelde, zou veranderen in de realiteit van een nieuwe woonplek met alle gevolgen.

Alles is anders


Als we doorvragen missen ze hun vriendinnen en het Nederlandse eten. Onze rijstliefhebbers hebben er na 18 maaltijden met rijst even helemaal genoeg van. We hebben nog geen WIFI (‘morgen’ horen we al 10 dagen lang) en dus kunnen ze niet lekker vanuit huis of bed hier even met hun vriendinnen skypen. Er zijn geen andere kinderen op de campus, en in het dorpje waar we wonen hebben ze net de eerste contacten gelegd, zonder met elkaar te kunnen praten.

Ook vindt Jana de ‘sfeer’ in Nederland fijner. Ze bemerkt iets wat ze niet in woorden kan pakken. We zijn vooral blij dat ze het uitspreken. Het zijn ook pittige dagen geweest. Er moest heel veel geregeld worden, waardoor veel tijd daarheen ging. En met een zieke mama is hier binnen blijven, versterkt door de enorme moessonregens, ook anders. We hebben geen boven om je even terug te trekken, geen buurmeisjes om spontaan aan te kloppen, geen oma en opa, geen vriendinnen om mee af te spreken, geen zwemles, paardrijles of balletles. En geen Nederlands eten dus.

Het idee is nu werkelijkheid en daarmee zitten we in een transitieperiode. We zijn niet op vakantie met allerlei leuke tripjes, eettentjes, speelplekken of zee. We hebben een huisje, opleiding van papa en behandelingen van mama, papierwerk en regen. Dus de vraag ‘wat doen we hier’ is natuurlijk aanwezig. Zoals Tim en ik van te voren wisten, maar dan nog, het ervaren is wel even wat anders. Ik had gisteravond ook een huilbui. Om de wachtstand, het schema van Tim en het niet weten wat India ons gaat brengen.

Life changing
Negen jaar geleden vertrok mijn zus met haar man op de fiets naar Libanon (wat later ook nog Iran, Pakistan, India, Nepal en Thailand en anderhalf jaar fietsen werden) en zij heeft de eerste maand van hun fietsreis ook steeds gedacht ‘dit is niet leuk! Wat doe ik hier?”. Ik wist dat, maar het was toch fijn om er in een app even aan herinnerd te worden. Als je er midden in zit, het onthechtingsproces en wennen aan een vreemd en nog onprettig ritme (nog naast de moeheid en het ziekzijn dat alle dames in ons gezin al heeft getroffen) voelt dat overweldigend. Maar dat gevoel hoort bij zulke grote veranderingen én biedt grote kans op een innerlijke life changing experience als je er doorheen gaat.

Alle vier wilden we naar India. Toen we Jana vertelden dat India misschien een optie was, reageerde ze tegen onze verwachting in met ‘echt?!?! Wanneer gaan we?!’ En dat gevoel van ontdekken, loslaten en kiezen richting gezondheid was dieper dan alle angsten, frustraties en onzekerheid. En hielp ons door die fases heen.

Zelfs nu dit gevoel ons tijdelijk bevangen heeft, met bijhorende tranen en leegte en is er een kalmte, een soort overgave. Dat we Nederland missen en terug willen, mag er zijn, we praten en huilen erover, wat we zouden doen en eten, over wat er hier niet fijn is nu, en tegelijk weten we dat we hier blijven om te ontvangen en aan te kijken wat er is. De onderdompeling in het land van yoga en ayurveda zal ons verrijken op manieren die we nu nog niet kunnen vatten.

Daily live en binnenkort fijn gezelschap
En intussen wandelen we door. Vandaag vonden we een plekje waar de kinderen af en toe kunnen zwemmen, haalden we als tegenwicht tegen alle rijst een indian vegaburger met friet bij macdonalds, speelden we de zevensprong en gaf ik het dagelijkse Engelse lesje aan Jana en Isha. Ook bedachten we thema’s voor Jana’s filmpjes, die ze wil gaan maken. Tim haalde een boek voor me in de bieb van de campus over Panchakarma. En ik las op bed beetjes over de achtergrond van de behandelingen via Ayurveda.

Gister op pad met de meiden en hun skeelers cq rolschaatsen, dapper over de Indiase wegen met Riksja’s, motorbikes en auto’s, alles luid toeterend. (Een Indiaas gezegde is: you don’t need breaks, you just need a horn). Die rollers onder hun voeten, en daarnaast vrouw met rollator, trokken nogal de aandacht. Letterlijk iedereen keek verbaasd om naar al onze wielen. Tim en ik hadden in Nederland enigszins wanhopig staan kijken naar de hoeveelheid en het gewicht voor in onze koffers. De rolschaatsen namen een halve backpack in beslag en veel gewicht. De neiging om ze thuis te laten was groot. Maar het was het enige dat Jana en Isha gevraagd hadden om mee te nemen. Dus dat deden we. En nu ben ik daar zó blij mee! Ze genieten van hun Hollandse skates en kunnen lekker bewegen.

Net thuis maakte ik mijn bekende magische drankje met Nederlandse ingrediënten (zo fijn dat ik ook die gewoon meegenomen heb!) voor Isha’s koorts. Tim liet een foto zien van hem met medestudenten en vertelde over de contacten die ontstaan. Ook zijn we alle vier blij met de leuke buurvrouw uit Kroatië, die de kinderen opving toen ik na een behandeling instortte, ons verder wegwijs maakt en van kleuren en een goed gesprek houdt.

What’s next

Tot slot kochten we vandaag een prachtige taart om oma te verwelkomen die over 2 dagen hier komt! Lekker vertrouwd in het Nederlands twee weken voor de meiden, naast alle omaliefde natuurlijk. En in de tweede week (vanaf 31 juli) ga ik intern voor een intensief programma. Dan is mijn moeder inmiddels een beetje gewend, zorgt zij met Tim voor onze liefjes en kan ik met gerust hart volledig op mezelf concentreren.. More things to come!

Lokale dieren

Muis in huis

17-21 juli 2017

Gelach, gepraat en deuren die slaan. Het is maandag 5.45u in de ochtend. Tim gaat zachtjes zijn weg door het appartement om zich klaar te maken voor zijn studie. De krekels maken lawaai. Onze buren denken niet aan slapende kindertjes of vrouwen. Als een uur later de meesten vertrokken zijn, soezen Jana, Isha en ik, nog wat door. Nu en dan wakker gemaakt door de moesson die op het dak slaat, een nieuwe buur die vertrekt of een verdwaalde mug.

Muggenallergie

Om even op die muggen door te gaan: ze blijven aardig weg uit ons appartement dankzij een lavendelprutje in het stopcontact, maar in de eetzaal of buiten worden wij 100x vaker gestoken dan de locals. Vooral Jana reageert heftig op de steken. Op dag 2 heeft ze al een bult ter grote van een tennisbal op haar been en doet lopen haar flink pijn. We krijgen een stinkend zalfje van de ayurvedische arts en na een paar dagen slinkt het ding weer tot normale proporties. Elke mug die haar prikt, en ze is nogal geliefd, veroorzaakt een bult ter grote van minimaal een twee-euromunt, ondanks alle smeersels en lange broeken. Gelukkig is het geen malariagebied, om er een positieve draai aan te geven 🙂

Kippen, krabben en honden

We besluiten deze eerste periode het ontbijt op de campus over te slaan en ik maak om 9 uur een ontbijtje van de laatste in Nederland zelfgemaakte cruesli en later een gebakken eitje van Indiase kippen die hier tussen de huizen scharrelen. De meiden doen intussen een werkje, Jana werkt in haar Pluspuntboek van groep 6 en Isha maakt een masker. Na het opruimen gaan we naar beneden en de meiden klimmen op ons natte heuveltje naast de deur, springen over stenen en het naar beneden stromende watervalletje. Ik kijk zittend op de rollator naar ze, regen of geen regen, af en toe buiten is fijn. De heuvel is door de moesson knallend groen en ziet er aantrekkelijk uit. Ze hebben enkele krabben in het water gevonden, die enthousiast begroet worden en komen snel terug rennen als er de bewakershonden tekeer gaan tegen enkele straathonden die ons gebouw binnen lopen. Tim heeft het ook niet zo op die overal loslopende honden. Hij besluit later in de week te gaan lopen naar de campus en zijn hondenangst (als kind werd hij flink gebeten) te laten oplossen hier.

Muis in huis (en geen slang)

Onder de deurkier glipt nu en dan een muis. Meestal leggen we er een handdoek of mat voor -elke dag is ons beloofd dat ‘morgen’ een plint getimmerd wordt- maar soms is de muis sneller. En dat brengt grappige taferelen van Tim en Monike op muizenjacht met af en toe een spannend sprongetje, Jana die een parcours uitzet voor de muis richting balkon, en Isha die een muizentrap knutselt en bevestigt onder aan de muur. Het is niet prettig, een muis in huis, maar Tim zag gister de commotie in ons dorpje als er een slang in huis zit. Fijn dat we twee hoog zitten, denk ik dan en ach die twee muizen. We zagen vanmiddag onze eerste slang. Dood wel, overreden door een riksja. Maar het is wel een reminder, dat tijdens de moesson er meer slangen zijn hier en dus uitkijken geblazen, daar op dat leuke klimheuveltje. Het gerucht gaat dat op de campus sinds de swami er woont, daar nog nooit iemand gebeten is door een slang. Klinkt goed.

Koe in de kelder

Gister kwam Isha hijgend terug omhoog rennen, om te vertellen dat een koe in de (open) kelder binnen was gelopen en aan mijn rollator stond te likken. Hilariteit. De bewaker stuurde beide koeien toch maar weer verder op pad. In de Riksja zit Isha het liefst met haar hoofd buitenboord om niets te missen. Elke koe wordt ennthousiast begroet en we leren ons tweede woord: gail, koe (het eerste is shukriá, dankjewel).

We zien vanuit de Riksja een huifkar getrokken door koeien. Dat verbaast me, gezien de heiligheid van de koeien dacht ik dat ze vast niet als lastdier gebruikt mochten worden of weggejaagd (op de (snel)weg rijdt iedereen er netjes omheen) uit de kelder. De heiligheid heeft een grens blijkbaar.

edit: Stieren mogen wel als lastdiet gebruikt worden, ze zijn niet heilig, alleen de vrouwelijke koe 🙂

 

Blikvangers

 
14 juli 2017

‘Ik wil naar school hier!’, zijn Jana’s eerste woorden als ze op dag 3 in India wakker wordt. Tim en ik kijken elkaar lachend aan. Enkele weken geleden zag ze school in India nog niet zitten. We hebben afgelopen nacht lang geslapen alle vier. Dat was wel even nodig. Enkele keren werden we wakker van de bizar harde moessonregen die op het dak sloeg, maar het heeft ook iets rustgevends om weer bij in slaap te vallen. Ontbijt hebben we lang en breed gemist en Tims afspraak voor de registratie voor de opleiding ook bijna. Met de riksja, alle lokale blikken gaan naar mijn rollator die Tim buitenboord vasthoudt, zijn we net op tijd. Ik maak intussen een eerste afspraak bij de senior ayurvedic arts hier, die ook in het ziekenhuis werkt, voor morgen.

We are like water

We merkten in onze voorbereidingen vooraf, dat India niet vlot werkt met dingen telefonisch of per mail regelen. Wij als westerlingen hebben daar nogal behoefte aan en het lukte dus niet altijd om die te stillen. Onze Indiase vriend in Nederland sprak de inmiddels geveugelde woorden “don’t worry, we are flexibel, we are like water”. Wat zoveel wil zeggen als: Op papier nogal strikt, maar als we daar zouden zijn, zou iedereen onze noden graag vervullen.

Dat blijkt vooralsnog te kloppen. De manager leidt ons rond, zodat iedereen weet dat we hier horen. Hij vraagt wat we nodig hebben in ons appartement en zet meteen wat mensen erop om dat te regelen. Althans, een begin te maken (het blijft India: ‘morgen’ is het geregeld). Ook spreken we met de CEO, de hoogste baas hier, de uitzonderingsituatie voor ons gezin door, ook wat betreft de verplichte tijden voor de opleiding van Tim. Nu hebben we officieel akkoord, zodat ik elke dag kan rusten en wanneer nodig behandelingen kan krijgen. We voelen ons erg welkom. En oefenen zelf ook met de flexibiliteit als de stroom uitvalt, of de wegen rivieren zijn en we tot onze enkels door het water gaan. Maar eigenlijk vind ik ons al reuze flexibel! Zoals Jana het zegt: ‘ik vind India wel ons land’.

Foodrituals

We lopen naar Anapurna voor de lunch. Er wordt volop gewend aan ons gezin hier op de campus. Dat is nog niet eerder gebeurd, een gezin hier, en de meiden blijven maar lachjes, aaien over de wang en vragen ‘what is your name?’ ontvangen. Ze laten het rustig over zich heen komen en geven steeds braaf antwoord met hun naam en leeftijd. Alle schoenen blijven buiten, dus op blote (natte!) voeten lopen we de eetzaal in. Er liggen per persoon matjes met een tafeltje ervoor dat 7 centimeter hoog is. Ons eten scheppen we op borden en lopen naar een matje. Eten mag hier met de hand, zelfs rijst. Dat is een feest voor Jana, die houdt er in Nederland ook van om het eten echt te voelen. Dat gaat haar van ons alle vier ook het gemakkelijkst af. Gelukkig zijn er ook lepels beschikbaar.

 

Wel was het nog even wennen voor onze linkshandige Jana. Je eet hier met rechts. Je linkerhand is ‘onrein’, die houd je voor jezelf, daarmee veeg je op Indiase toiletten je billen met water schoon. Daar hoor je dus niet mee te eten. Maar na enkele maaltijden eet ze al vlot met rechts. Ook voor Isha was het even wennen. Zo in kleermakerszit op de grond zitten en dan rijst zonder knoeien (ze letten hier erg op reinheid) in je mond krijgen, is een hele kunst! Maar ook zij eet na enkele maaltijden vlot het (totaal ander soort) eten op. We zijn gezegend met twee meiden die van eten houden en alles wel willen proberen. Alle ogen van de eetzaal gaan vertederd naar Isha, die zich daarvan niet bewust is. Jana staat na het eten zelfstandig op, loopt naar buiten om haar bord, lepel en bekertje af te wassen en schoon terug te brengen.

Discover school

Gezien de uitroep vanmorgen, besluiten we het tunneltje naast de eetzaal door te lopen en een blik op hun toekomstige school te werpen. We kunnen tot onze verrassing direct bij de principal terecht die belooft er alles aan te doen dat Jana en Isha het fijn gaan hebben op school. Ook zorgt hij direct voor een rondleiding. Dit heeft gillende meisjes en jongens tot gevolg die het liefst allemaal een hand of high five willen geven aan onze blonde dames. Bij grade 4 wordt Jana voorgesteld als ‘new friend’ in hun klas en ze zingen spontaan een liedje voor ons. Ik kreeg er tranen van in de ogen. Ook hier vragen tientallen kinderen naar de naam of waar we vandaan komen. De school heeft vaste lokalen voor de groepen om talen te leren. Andere vakken zoals rekenen, kunst, muziek, computerles of yoga hebben allemaal een eigen lokaal waar ze volgens schema heen gaan. Jana wil het liefst komende week al beginnen. Maar eerst nog wat papierwerk.

Als we weer buiten staan, raust Isha door het zeiknatte speeltuintje aan de voorzijde, terwijl ik zittend het geluid van de enthousiaste kinderen uit mijn oren laat gaan en we wachten op de riksja die ons thuis brengt. Ik val meteen in slaap.

In case of emergency

Eind van de middag hebben we een afspraak met de arts die voor de dagelijkse gang van zaken verantwoordelijk is op de campus. We bespreken waar we moeten zijn bij noodgevallen en voor de huis-tuin-en-keuken-griepjes of allergieën. We horen dat het dichtstbijzijnde ziekenhuis maar 10 minuten van ons vandaan is en een state-of-the-art ziekenhuis een uurtje verder. Dat hier nog eens bevestigd te krijgen is prettig met twee kinderen met wie we regelmatig op de huisartsenpost zaten. Ook bespreken we Isha’s een-origheid, oorontstekingen en regelmatige buisjes operaties en krijgen het advies om vast kennis te maken met de kinderarts binnenkort. We hopen natuurlijk dat dit allemaal onnodige voorzorg is, maar het geeft wel rust.

Wrap the day

Met de Riksja, onze vaste driver Nitin inmiddels al, kopen we nog wat fruit op de markt, waar de meiden in het drukke verkeer hun eerste koe tussen de auto’s zien banjeren, er zullen nog vele volgen. Daarna kruip ik weer in bed al vóór het eten, terwijl onze doorweekte kleren overal hangen.

Deze dag was teveel voor me. Het blijft lastig op tijd te voelen wanneer het genoeg is. Zeker nu er in deze veel geregeld moet worden. Balans, blijft het woord, balans.