Menu Close

Author: admin (page 1 of 4)

Een stokstaartje en een archeoloog

Wat hebben die nou met elkaar te maken? Mij! En misschien wel jou.

Vijftien jaar geleden bij een opdracht om mensen te vragen naar positieve eigenschappen van je, schreef een vriend:

“Nieuwsgierig, associatief, sensitief: Bij elk gespreksonderwerp dat ik aansnij heeft Monike vele vragen, wil alles weten, liefst ook voelen en ze komt er weken later nog op terug.”

Lees (en huiver eventueel) hoe een opdracht in oktober dit in andere vorm bevestigde.

Op mijn werk hoorde ik regelmatig als grap én waarschuwing van collega’s:

“Voordat ik überhaupt door heb dat er iemand bij de receptioniste staat, heb jij al gehoord waar die cliënt voor komt, dat de receptioniste zich ongemakkelijk voelt, of dat er belangrijke informatie ontbreekt, of dat er een dwingende situatie ontstaat en ben je als speedy gonzales naar het bureau gerend.”

En mijn psychotherapeut benoemde ooit wat ik deed (mezelf en mijn geschiedenis en die van mijn voorouders ontdekken)
“grondige persoonlijke archeologie“.

Je zag met de titel van dit blog in gedachten, vast bij mijn werkvoorbeeld al het stokstaartje voor je, alert op de wacht en rennend bij dreiging.
Niet? Oh.

In ons huis zijn stokstaartjes vaak onderwerp van gesprek. Mijn echtgeliefde heeft er een zwak voor. En noemt mij (al dan niet liefkozend 😬) regelmatig een stokstaartje.

Tijdens een huiswerkopdracht uit blok 1 van de opleiding Hoogsensitiviteit kwam dit alles boven. Tegelijk ongeveer. De opdracht was: bedenk metaforen voor hoogsensitiviteit.

Uitstelgedrag en daadkracht

Eerst kwam er weerstand, die zich vermomde als uitstelgedrag, want ‘metaforen bedenken lukt me best, dat doe ik nog wel wel.’

Toen het gevaar van de deadline inzicht kwam, sloeg ik alarm, vatte me bij de kladden tot op de metaforenpagina. En toen sloeg ik dicht, ontstond er paniek. ‘Mijn metaforen zijn niets waard. Te ingewikkeld. Te simpel. Straks denkt nog iemand dat ik hoogsensitiviteit iets vind om jezelf op de borst te kloppen. Die voorbeelden zijn maar losse associaties. En wat weet ik nou helemaal over stokstaartjes?!’

Aha, dit laatste kan ik te lijf gaan! Dus (als een jawel, archeoloog, natuurljk) ploos ik Google door.
Wist je dat stokstaartjes met verschillende geluiden, de verschillende risico’s aanduiden aan hun groep?

Of dat stokstaartjes de kindertjes van andere stokstaartjes melk geven indien nodig?

En ook heel belangrijk voor de HSP metafoor: als ze op wacht staan, niet eten en tot 20% van hun lichaamsgewicht verliezen?
(Ken je dat, in focus en met deadlines vergeten te eten?)

Dus.
Ik schreef de metafoor in mijn map. Wel nog met potlood.

Verdieping, verwerking en afstoffen

Door naar de tweede metafoor. Ik zag het voor me. Zie jij ook de archeoloog bezig?
Hij die enthousiast is bij elke kleine verkleuring van grondlagen? Die zorgvuldig de centimeters uitpluist met een kwastje om de schatten te vinden? En deze dan liefkozend en zorgvuldig bekijkt, bestudeerd en dan netjes bewaard. en regelmatig weer opzoekt.
Onderwijl op naar een nieuwe aardlaag om het hele traject opnieuw mee te maken.

Ik zag mezelf terug door de ogen van de psychotherapeut en kon me aardig vinden in de metafoor.

En hop, de volgende associaties rolden alweer binnen.
Naast de happy archeoloog, kijkt ‘de gemiddelde’ mens (die bestaat niet natuurlijk, maar laten we hem toch opvoeren voor metafoor-sake) bedenkelijk: ‘wat een poeha om een hoop aarde, ja er zijn nou eenmaal meerdere kleuren grond. En dan waardeloze scherven als ‘schatten’ beschrijven, je kan ook overdrijven!’.

En dat de archeoloog zich dan wat onbegrepen voelt en/of de ander niet begrijpt, maar toch van zijn vak blijft houden?

Oh, wacht, er zijn er natuurlijk ook weer anderen die genieten van de schatten (in musea te bewonderen) en collega-archeologen die graag meesparren.

Associaties en keuzes

Voor wie geheel tot hier gelezen heeft en dacht wat een hak-op-de-tak: klopt. Een klein inkijkje 🙂.

En voor wie dacht: logisch, zo gaat dat in mijn hoofd ook: wat als je daarna maar één van de metaforen zou mogen kiezen? Ja he, ellende!

Nou. En toen kwam dus die opleidingsdag en mochten we in tweetallen maar één metafoor uitkiezen en tekenen. Dat kiezen lukte niet. Na overwegingen en overleg nog niet. Kostte onnodig tijd. Frustratie. Wat is de juiste keuze? Die het beste overbrengt wat we willen zeggen. Ok klaar nu. Dus besloten we weloverwogen (hehe): de stokstaartjes en de archeologen ontmoeten elkaar blijvend op een tekening. Hij is nog niet af die tekening, kan nog aan gewerkt. Zag ik aan de reactie van een collega-student. Ik heb nog een beetje meer tijd nodig…stop. Adem.

Dit hele verhaal omvat het wel een beetje: dat diepverwerkende en omgevings-sensitieve brein.

Stokstaartje en de archeoloog metafoor voor het hoogsensitieve brein

Denk ik nu. Tot er weer een gevoel of gedachte opkomt die hierin niet (kloppend) staat verwoord en het alarm weer afgaat, standje alert de archeoloog op onderzoek uitstuurt om dit blog alsnog te verbeteren.

Snel op verzenden drukken nu dus.

Wijsheid in het woud

Nou meiden, meer jungle kunnen we jullie niet geven”. Ik kijk om me heen en kan alleen maar stil zijn. We zijn na drie uur klauteren, soppen en vallen, zonder een enkel bestaand pad te hebben gezien, aangekomen bij de waterval waarmee een zijrivier van de Rio Napo begint. Midden in het regenwoud, totaal verlaten van de bewoonde wereld.

Met een vriendin ben ik als twintigjarige naar Equador gereisd om een vriend op te zoeken. Vriend B, met wie hij daar is, beklinkt ons moment ergens tussen Tena en Mishualli met bovenstaande woorden. Alle vier worden we in stilte overspoeld door geluk. Ik neem een duik in het water en laat de tocht hierheen nog eens door me heen gaan.

Angsten, aanvaringen en acceptatie

Het was soms pittig, hijgend beklommen we rots na rots door de dichte begroeiing en soms trokken de jongens ons omhoog. Op een moment viel mijn vriendin verkeerd en haalde haar hand flink open. We waren niet op pad gegaan met een EHBO kistje en dit moest wel verbonden worden. Met een afgescheurd T-shirt is een drukverbandje aangelegd. En ze besloot toch door te gaan.

Ergens onderweg leun ik tegen een rots om verder te komen en schreeuw het uit. Mijn spinnenfobie wordt ultiem beproefd: er loopt een reusachtige spin over mijn hand, groter dan mijn hand zelf. Ik sta in shock na te trillen en besluit dat deze angst nu geen ruimte heeft. We moeten hoe dan ook terug naar de bewoonde wereld, die inmiddels 2 uur lopen ver is. We gaan verder. (Die nacht zal ik continu vreselijke nachtmerries hebben over spinnen die mijn leven overnemen. Achteraf een keerpunt, mijn fobie is reduceerde de jaren erna tot ongemak rond spinnen.)

Het water slingert me onderuit,

ik ga kopje onder en voel de natuurkracht volledig

Een stuk verder moeten we de rivier oversteken, vanwege onmogelijk door te komen begroeiing aan onze kant. Zorgvuldig is een plek in de rivier gezocht, smal genoeg om een touw te spannen. Een van de heren worstelt zich door de hevige stroom heen met één kant van het touw. Dan ga ik en ik voel me onoverwinnelijk. Spanning en blijdschap stromen door me heen en ik loop niet volgens opdracht stroomopwaarts langs het touw, maar aan de andere kant. Ik laat het touw zelfs even los om de kracht van het water volledig te ervaren. Dan gaat het mis. Het water slingert me onderuit, ik ga kopje onder en voel de natuurkracht volledig. Vriend B aan de overkant gooit me een touw toe, terwijl ik met de stroom mee genomen word. Wonderbaarlijk genoeg weet ik dat met één hand uit de lucht te grissen, als mijn hoofd een moment boven water komt. Hij trekt me tegen de rots aan, waar ik met zijn hulp, trillende benen en moeite tegenop klim. Ik lach stralend van adrenaline ‘dat was een ervaring!’ en krijg een klap in mijn gezicht en een donderpreek. Of ik wel besef hoe dichtbij verdrinken het was en dat hij dan zijn leven had moeten wagen door me achterna te springen. Vriendelijk verzoek om de situatie serieus te nemen.

de angst voor afwijzing kan het niet op

tegen de angst voor de hoogte, de val

En nu zwemmen we vreedzaam onder de waterval en klim ik voorzichtig achter vriend A aan omhoog tot halverwege de waterval. Doel is om er van af te springen, terug klimmen is te gevaarlijk. En dan blokkeer ik. Ik durf met geen mogelijkheid. Hoe ze ook op me inpraten – en ik op mezelf- en wat ze ook voordoen aan sprongen, ik lijk verstijfd. De tijd verstrijkt en ik met mijn onoverwinnelijkheid voel me behoorlijk stom. Maar de angst voor afwijzing kan het niet op tegen de angst voor de hoogte, de val, of wat het ook is. Vriend A komt naast me zitten. Praat rustig, maakt grappen. Hoelang we daar zitten weet ik niet, maar samen komen we zover dat ik spring. Mijn gezicht vertrokken van angst en dan de bevrijding van het water, de opluchting en overwinning. Ik kom boven.

Van waterval naar wijsheid

Regenwouden, oceanen, of woestijnen en oude beschavingen als de Maya, Australische Aboriginals, of Kelten, hebben me vele keren geopend. Van alle reizen door de jaren heen raakten vooral die ontmoetingen aan een kracht in mezelf. Enkele jaren terug deed ik vanuit deze verwondering een basiscursus Sjamanisme. We mogen daar een Axis Mundi (Latijn voor ‘wereldas) vinden in onze herinneringen. Dit oeroude begrip geeft een verbindingslijn aan tussen het zichtbare en het onzichtbare, tussen het aardse en andere sferen. Via een geleide meditatie en de klanken van de trom, sta ik twintig jaar later ineens weer in de jungle van Equador, bij die waterval. Bijna net zo echt als toen.

Nu erover schrijvend, kan ik geen beter pad van verbinding bedenken dan dat. Daar vielen krachtinspanning, avontuur en overgave samen. Daar werd afzondering van de maatschappij gecombineerd met een wonderlijke nabijheid van mijzelf, de natuur en vrienden. Daar werden grote angsten verbonden met moed en liefde en er was begrenzing. Ze reisden alle mee, op een manier waar ik toen aan toe was. Daar was ik deel van de wilde natuur. Daar hing – hoe feeëriek het ook mag klinken – energie van het woud, die ons alle vier oversteeg.

Ik ben blij dat de herinnering levend werd en een levenslange hulpbron mag zijn. Die plek is toegerust me te verbinden met de wijsheid in en om me heen. Ik ga er regelmatig heen en reis door al dat moois in me.

Wat is jouw innerlijke plek waar je uitgebreid jezelf kan zijn? Zeker als hoogsensitief mens kan het bijdragen aan innerlijk evenwicht.  

Is hoogsensitiviteit overprikkeling?

Ik ben hoogsensitief, want ik kan de hoeveelheid prikkels in deze maatschappij niet aan!”

Dat klinkt als een logische conclusie. En haast vaststaand, dat er niets anders te doen is dan dit feit maar accepteren. Is het ook kloppend als we kijken naar wat er inmiddels wetenschappelijk bekend is over hoogsensitiviteit? Of hebben we het hier over twee verschillende dingen? En wat is het nut om je te verdiepen in hoogsensitiviteit of emotionaliteit?

De bomen en het bos: hoogsensitief, hooggevoelig, prikkelgevoelig, overprikkeld

Laten we eens op onderzoek gaan en beginnen met de termen. In Nederland worden de woorden hoogsensitief en hooggevoelig door elkaar gebruikt. De Engelse populaire term hiervoor is High Sensitive Person (hsp), waar de wetenschap spreekt over Sensory Processing Sensitivity (SPS). In Belgie kiest professor van Hoof evoor om hoogsensitief en hooggevoelig als twee verschillende zaken te definieren. Dat maakt het soms wat verwarrend. In dit blog kies ik voor hoogsensitief, waar ook HSP, SPS (of in Nederland: hooggevoelig) kan staan.

Kort door de bocht zou je hoogsensitief kunnen lezen als een combinatie van diepgaande verwerking en omgevingsensitiviteit.

Het ‘Belgische hooggevoelig’ heeft te maken met prikkelgevoelig zijn, snel last hebben van zintuigelijke prikkels (licht, geur, labeltjes in kleding, externe stimuli), emotionaliteit door overprikkeling en het gemak waarmee je mentaal overweldigd raakt.

Hoogsensitiveit, een aangeboren positieve eigenschap

Hoogsensitiviteit is een aangeboren eigenschap, waarvan de afwijkende breinwerking is gezien op hersenscans. Je bent meer zelfbewust (voor de liefhebber: onderzoekers vonden een actievere Precuneus, waar het vermogen voor zelfreflectie en zelfbewustzijn zetelt), neemt meer nuances waar en verwerkt (zintuigelijke) prikkels grondiger (er zijn meer hersengebieden betrokken). Je wordt geraakt door subtiele en positieve dingen in het leven, zoals muziek, kunst en lekker eten. Je bent nieuwsgierig en empathisch. Het sterk geraakt worden geldt ook voor de ‘moeilijke’ emoties zoals afwijzing, schaamte, angst, overweldiging in het leven.

Uit onderzoek blijkt dat een hoogsensitief persoon meer hersteltijd nodig na afloop van taken/bezigheden. Kort geinterpreteerd: overprikkeling kan een gevolg kan zijn van hoogsensitiviteit, maar dat hoeft niet. Uit ander onderzoek blijkt dat een (positieve) omgeving meer invloed heeft op een hoogsensitief persoon, dan op de minder sensitieve persoon. De hoogsenstieve persoon kan in een positieve omgeving volledig tot bloei komen en volop van het leven in alle nuances genieten.

Emotionaliteit en prikkelgevoeligheid

Prikkelgevoeligheid op zichzelf kan hele andere oorzaken hebben, zoals trauma of een stoornis in het autisme-spectrum. Een getraumatiseerd persoon laat ook kenmerken zien als overalertheid, schrikachtig, moeilijker grenzen ervaren en/of aangeven, of emoties van anderen moeilijk kunnen onderscheiden van de eigen emotie. Daarnaast kan een persoon met trekken van autisme zeer overprikkeld raken van kleding, ruzie, lawaai of hitte en kou. En natuurlijk zal ook iemand die ver voorbij de eigen (prikkel)grens is doorgegaan, overprikkeld zijn. Emotionaliteit door overprikkeling heeft aandacht nodig. Het kan bij gebrek daaraan leiden tot een constante staat van stress en een voortdurend overweldigd voelen door de eisen van een hectische maatschappij. Soms lukt het niet om zonder hulp uit de overweldiging te komen en is er professionele hulp nodig.

Heb je als hoogsensitief persoon iets te leren?

We zagen al dat de kern van hoogsensitiviteit een kwaliteit is én tegelijk dat een hoogsensitief persoon meer prikkelgevoelig is, door het zien en voelen van vele nuances en de diepgaande verwerking ervan. Dat betekent ook dat je als hoogsensitief persoon voortdurend overprikkeld kan raken als je je eigen sensitiviteit niet kent, niet geoefend hebt met grenzen en afwijken van de meerderheid, of niet geleerd hebt hoe ‘goed voor jezelf zorgen’ er dagelijks uitziet, op de lange termijn. Herken je dat?

Het is belangrijk te leren wanneer het nodig is je even terug te trekken uit de drukte en hoe op tijd een rustdag in te plannen. Maar gezien je omgevingssensitiviteit ook, hoe je omgeving invloed op je heeft en hoe een veilige omgeving voor jezelf te creeeren. Ontdek en expirimenteer om te leren hoe jij het beste ontprikkelt en energie krijgt en tot slot heel belangrijk: hoe je kan oefenen in veerkracht. Zeker in deze snelle en overvloedige samenleving. Het kennen van je eigen brein en je (andersoortige) behoeften steunen je om zorgvuldig met deze bijzondere eigenschap te leven en er vooral van te genieten.

Uiteindelijk gaat het niet over ‘termen’, maar over jou: wat jij nodig hebt en de wereld te geven hebt.

 

Eigenwijs in Evenwicht biedt lezingen, workshops en begeleiding op het sensitieve pad 

Ik wil niet meer bij jou wonen: systemisch kijken deel 2

De opleiding trok me tweeledig: zowel professioneel als in mijn persoonlijke proces en specifiek nu voor mijn gezondheid. De ziekte die plots heftig langs kwam, ontregelde mij en ons gezin al een jaar. Naast alle artsen die ik zag, voelde ik aan dat er vanuit een systemische blik inzichten konden komen. Op oude patronen die mogelijk mede oorzaak waren dat de ziekte zijn kans kreeg. Dus ik volgde (aangepast aan mijn toenmalige gezondheidsituatie en beperkingen) de opleiding tot opsteller. Professioneel zou ik als coach vanzelfsprekend ook nieuwe inzichten en vaardigheden opdoen.

Mijn intuitie bleek terecht. Wat een reeks van krachtige momenten! Veel verder dan woorden gaan de beelden en de helende bewegingen. Toch heb ik nu niet zoveel meer dan woorden om er iets over te zeggen. Er kwam een blogserie over de impact van deze opleiding en het systemisch coachen. De toevoeging van de systemische laag bracht moois voor mij als sensitief mens en voor degenen die ik mocht begeleiden. Dat het verder mag inspireren!

Deel 2

“Ik wil niet meer bij jou wonen!”

Die zin heb ik eerder te horen gekregen. Nu zegt de jongste het als vijfjarige. Dezelfde woorden als oudere zus drie jaar geleden. Ik voel een andere lading. Ze zegt het niet boos of verdrietig zoals zus toen. Ik slik toch even en vraag dan waar ze wel wil wonen.

‘Ik wil ook niet bij papa. Opa’s, oma’s of tantes wonen. Ik wil nergens wonen.’
Wil je bij jezelf wonen?
‘Ik wil nergens wonen, ook niet bij mezelf.’
Wat betekent dat?
‘Dat ik niet wil leven’.
Oef, ik slik nog maar eens. Ik weersta de neiging om het af te doen en te zeggen dat wel overgaat of dat het leven toch leuk is. Op de vraag waar ze niet wil leven, antwoord ze het niet te weten. Waar ze wel zou willen leven dan? Als ze onder het bed wijst, vraagt ik wat daar fijn is. Misschien het donker of ongezien zijn. Ik zie haar denken en ik blijf verder stil.

Gedachten gaan door me heen.
Wat maakt dat ze dit zegt? Wat kan ik doen? Fijn dat ze het zegt. Ik zou willen dat ze wil leven. Komt het door India? Door de zwaarte die we soms voelen in het wennen? Maar ik laat ze allemaal weer gaan. Die gedachten hoef ik niet te geloven. Ik hoef alleen maar bij m’n meisje aan haar gevoel te zijn.

Na een hele tijd kijkt ze op. ‘Ik wil dat jij en papa niet boos doen tegen mij’. Liefje, dat zou je fijn vinden he. Zou je dan willen leven? ‘Het is eigenlijk niet waar, dat ik niet wil leven’. Ik knuffel haar en vraag of hoe het kwam dat ze dat zei. Die vraag is door haar (natuurlijk) niet te beantwoorden.

Systemische invalshoek: iedereen heeft een plek en hoort erbij
Ik pak opstellingen poppetjes en laat haar een poppetje voor zichzelf en een poppetje voor het leven kiezen. Ze kiest een enorm groot leven en zet zichzelf tegenover het leven. Ze voelt zich stevig, zegt ze. Langzaam laat ik haar meer kiezen. Papa en mama. Zelf wil ze zus, oma en haar broertje er ook bij.

Ze was bij aanvang deel van een tweeling, zagen we op de eerste echo. Het andere deel bleek een ‘vanished twin’. Maar zij heeft sterk het gevoel van verbondenheid, al vanaf heel jong. Ze is ook overtuigd dat het een broertje was. Nu moet hij dus in het veld. Dicht bij haar. Ze kiest een piepklein popje.

Tegen het einde blijkt er ‘iets’ bij het broertje te horen staan. Ze kiest er een poppetje voor.  ‘Dood, misschien’, denkt ze. Ineens raakt het beeld haar. Ze valt in tranen op bed. Ik pak haar op en samen kijken we naar het veld waar alles staat. Ik zeg dat iedereen en alles erbij hoort. Ook verdriet. Dan komt ze overeind en wil ook verdriet een plek geven, dan ook blijheid en boosheid. Ze kijkt en voelt. Ze zet zichzelf nog even anders neer, zodat ze ‘alles en iedereen kan voelen’.

Het leven staat vlakbij het poppetje dat haarzelf representeert en is als enige onberoerd. Het Isha-popje kijkt nog steeds naar het leven.

Het complete leven
Als ze de poppetjes opruimt, blijven zijzelf, broertje en het leven als laatste staan.
Dan pakt ze ook die op. Het is goed. ‘Zo is het fijn om te leven, mama’ en ze loopt naar haar stiften om verder te kleuren.

Wat er nou precies is veranderd, weet ik niet. Het gesprekje samen was fijn. Ze voelt zich gehoord met alles wat er bij haar is. En ik? Ik ben gelukkig met haar.
Augustus 2017

Sterven doe je niet ineens

De adem stokt in mijn keel van de tranen die daar klem zitten. Ik zit op mijn stapelbed met mijn benen over de rand. Met alle macht hou ik me overeind en maak geen geluid. Mijn moeder roept iets over de kleren die ik morgen aan moet. En de kamer moet opgeruimd. Mijn opa is vandaag gestorven.

De vader van mijn vader. Hij was oud. En ziek. Maar ja, dood? Ik ben een jaar of 10 en heb behalve met huisdieren en kennissen van mijn ouders nog niet eerder de dood dichtbij meegemaakt. Dat zal ook deze keer niet echt gebeuren. Ik merk aan alles dat het nu niet de tijd is om iets aan mijn ouders te vragen. Ook niet om te zeggen hoe geschokt ik ben en bang en verdrietig.

Ik draai me van de deur weg als ik voetstappen hoor

De tranen lopen over mijn gezicht en ik wil niet dat hij dood is. Maar de gewone dingen gaan door: iemand doucht, mijn ouders maken ruzie, mijn zusje loopt naar boven. Als iemand mijn kamer inloopt en me iets vraagt doe ik alsof ik al slaap om tijd te rekken. De vraag wordt herhaalt. Ik veeg tranen weg, knijp in mijn wangen zodat niet alleen mijn ogen rood zijn, en richt me maar half op. Kortaf geef ik antwoord en ga weer liggen met mijn gezicht naar de muur.

Ik vraag me af hoe het voor mijn vader is, dat hij geen vader meer heeft. Ik denk dat mijn moeder blij is van de zorg af te zijn. Ik hoor dat ze probeert aardig tegen mijn vader te praten. Zou hij pijn gehad hebben?

Ik hoor blijkbaar geen verdriet te hebben, dat heeft verder ook niemand in huis. Alles gaat door alsof er niemand dood is. Geen tranen, geen gesprekjes, geen stilstaan met een tekening of gedicht.

Op de rouwkaart komt later een gedichtje van Toon Hermans

Sterven doe je niet ineens,
maar af en toe een beetje
en alle beetjes die je stierf
’t is vreemd, maar die vergeet je
Het is je dikwijls zelfs ontgaan
je zegt: ik ben wat moe
maar op ’n keer dan ben je aan
je laatste beetje toe.

Ik lees en herlees het. Het is intrigerend, ik verhoud me er steeds iets anders toe. De maanden en jaren gaan voorbij. Dat gedichtje draag ik altijd bij me.

Dit overlijden is ook het startmoment voor het lezen van rouwadvertenties. Ik zit elke dag achter de bank met de krant op de grond en lees alle overlijdensberichten. Elk detail. De leeftijd, wie er achterbleef, hoe oud de achterblijvers waren, hoe lang boven de grond, en wat voor begeleidend tekstje erbij gekozen is. Soms kom ik hetzelfde gedichtje als bij opa tegen. Ik voel verdriet voor de nabestaanden. De tranen lopen uit mijn ogen. Als ik voetstappen hoor, sla ik de krant open op een andere bladzijde. Zo ben ik elke dag even alleen.

En sterf ik af en toe een beetje, maar zonder te vergeten.

Herken je hier elementen uit? Wil je dat anders voor de komende generatie?
Hoe kun je een kind begeleiden in zo’n proces? Wat kan het een gevoel van steun geven?
De workshop “Rouw en Verlies bij kinderen: bewust omgaan met de dood” biedt handvatten en is tevens een mooi moment voor erkenning van delen in jezelf. Zie hier voor data en informatie.

Opa is dood

‘Ja’. [Stilte]
‘Het is niet zo mooi wat met opa gebeurd is.’

Ik zit in de brugklas, kom net uit school en zit op de grond met de krant. Mijn vader heeft eettafelstoel waarop hij zit naar me toe gedraaid, wat ik ongewoon vind. Ik kijk afgeleid naar de bank waarachter ik zit. Mijn hart slaat meerdere keren over. Ik voel me koud en onbestemd. Opa is mijn soulmate bij wie ik me klein, groot en veilig voel. Wat moet ik vragen nu? Zo onverschillig als ik kan starend naar de krant, vraag ik: ‘wat is er met hem?’

Mijn vader schuift wat met zijn voeten. Ik kijk op.

‘Opa is dood’

De hel barst los in mijn hoofd. Dat het niet waar is, want ik ga hem morgen zien, dat ik er heen wil, dat hij dat niet kan maken: doodgaan.

Vooral weet ik nog hoe opgesloten ik me voelde dat ik niet naar het ziekenhuis mocht en kon. Mijn moeder was daar wel.

Mijn moeder zou 20 jaar later zeggen: jij hebt niet gehuild en nooit meer over opa gesproken.

Ik dacht aan hem, huilde soms in bed en stopte dan want het was zinloos, schreef er twee keer over in mijn dagboek en had jarenlang elke nacht nachtmerries over hem. Ik sprak inderdaad nooit over hem. Het bleek vele jaren vast te zitten in mijn lichaam.

Zowel mijn ouders als ik hadden geen idee hoe om te gaan met de onverwachte en hevige dood. Zij konden mij als puberkind niet begeleiden. Ze hadden hun handen vol aan zichzelf en daarbij werd, vermoed ik, hun onverwerkte rouw die ze erfden van ouders uit de oorlogstijd, ook aangeraakt.

Er was in die tijd geen sprake van begeleiding van kinderen hierin, er werden geen handvatten aangereikt of pedagogisch verantwoorde adviezen gegeven. Het was overeind blijven en doorgaan.

Tegenwoordig is er wel die kans. En sinds gister ben ik blij niet alleen ervaringsdeskundige te zijn op veel onderdelen van rouw en verlies, maar ook Prevent Coach – rouw en verlies bij kinderen, bewust omgaan met de dood.

Prevent coach Rouw en Verlies bij Kinderen: bewust omgaan met de dood

Het is soms een moeilijk onderwerp, raakt aan vele lagen in onszelf, maar het bespreekbaar maken is gezond voor de volwassenen én kinderen. Het is deel van het leven. In dode (huis)dieren en ingrijpender: opa’s en oma’s en helaas soms ook een partner, vader, moeder, broer of zus. Dan komt het diep onder de huid.

Ik ga workshops en trainingen geven voor ouders, opvoeders en wie verder met kinderen in aanraking komen. Als rouw aanwezig is, maar ook preventief, zodat als de dood onherroepelijk voorbijkomt, er meer begrip, ruimte en begeleiding is.

Over grenzen : systemisch kijken deel 1

De opleiding trok me tweeledig: zowel professioneel als in mijn persoonlijke proces en specifiek nu voor mijn gezondheid. De ziekte die plots heftig langs kwam, ontregelde mij en ons gezin al een jaar. Naast alle artsen die ik zag, voelde ik aan dat er vanuit een systemische blik inzichten konden komen. Op oude patronen die mogelijk mede oorzaak waren dat de ziekte zijn kans kreeg. Dus ik volgde (aangepast aan mijn toenmalige gezondheidsituatie en beperkingen) de opleiding tot opsteller. Professioneel zou ik als coach vanzelfsprekend ook nieuwe inzichten en vaardigheden opdoen.

Mijn intuitie bleek terecht. Wat een reeks van krachtige momenten! Veel verder dan woorden gaan de beelden en de helende bewegingen. Toch heb ik nu niet zoveel meer dan woorden om er iets over te zeggen. Er kwam een blogserie over de impact van deze opleiding en het systemisch coachen. De toevoeging van de systemische laag bracht moois voor mij als sensitief mens en voor degenen die ik mocht begeleiden. Dat het verder mag inspireren!

Deel 1

“Ik sta nu op je tenen en je zegt nog steeds geen stop.” De trainster van de opleiding Opstellingen kijkt me aan. De opdracht was om vanaf twee meter afstand de ander dichterbij te laten komen en stop te zeggen als het nabij genoeg was. Ze kwam steeds dichterbij. En nergens ervaarde ik een stop moment. Dus staat we nu hoofd aan hoofd.

“Denk je na?”. Uhm, nu wel. Tijdens de oefening kwam geen enkele gedachte voorbij. Ik was bij mijn ademhaling, mijn voeten op de grond en ik keek in haar ogen. Nu vraag ik me af of ik nabijheid dan prima vind, of juist dat ik me onbewust wapen, zodat ik de nabijheid aankan.

Ik stel voor mijn ogen dicht te doen, dan kan ik beter voelen. Dan grijpt ze in. Want, wat ik wil leren is met mijn ogen open, de omgeving die er is, er laten zijn, erkennen en daarmee toch mijn persoonlijke grens ervaren.

Een geschiedenis in grenzen onderzoek

Het thema grenzen is alom vertegenwoordigd. Veel mensen om me heen zijn hierin zoekende. Deze maatschappij met zoveel prikkels en de tijdsgeest dragen daaraan bij. Hoogsensitieve mensen hebben vaak een extra hindernis door een natuurlijke opmerkzaamheid en een aangeleerde (over)alertijd.

Zelf ben ik er al 20 jaar mee bezig. In persoonlijke ontwikkeling, na heftige life-events en in mijn professionele leven. Ik las er (veel) theorie over. Ik bracht het meermaals in tijdens intervisiebijeenkomsten op mijn werk, sprak erover met coaches en schreef erover. Ik had best inzicht in wat er bij mij gebeurde. Een van mijn collega’s vatte mijn worsteling goed samen: ‘Ik begrijp het niet. Jij voelt en ziet veel, je bent intuitief en durft daar ook naar te leven en je ratio staat er sterk naast. Hoe kan het dan zijn dat je je grenzen niet voelt of naleeft. En hoe zou dat wel lukken?”

Een van de wegen waarop ik uitkwam door die vraag te blijven onderzoeken, kun je lezen in dit blog ‘alles kan’. Voor nu wil ik vooral aangeven, dat het niet een nieuw pad was voor me. En die laatste vraag, ‘hoe dan wel met die grenzen’, kwam in bovenstaand geschetste situatie ineens een stap dichterbij.

Perifere blik en voelen zonder oordeel

De trainster stelt voor om opnieuw op 2 meter afstand van elkaar te gaan staan. Ze introduceert een nieuw element: de ‘perifere blik’. Mijn ogen blijven in de richting van haar ogen, maar ook op de hele omgeving. Ze stapt dichterbij en dan ineens, voel ik en zeg ik tegelijk: ‘Stop maar, dat is ver genoeg’.

Ik buitel van binnen door elkaar. Het was geen negatief gevoel, geen ‘hé als je nu eens stopt, je gaat over mijn grens’, geen irritatie of afwijzing naar de ander. Het was ook geen positief gevoel, geen blijheid om de nabijheid of afstand. Het was neutraal.

Ineens dringt het door: ‘Een grens is een feit dat je in je lichaam kunt voelen, zonder zwart of wit. Dit is brandnew. Dit heb ik nog niet eerder meegemaakt. Ik heb een grens gevoeld! Niet achteraf, als ik ervaar hoe uitgeput, ziek of overprikkeld ik ben. Niet in het moment een afweer of irritatie voele die dan al dan niet uitspreken. Gewoon een heel zuiver feitelijk ‘stop’, zonder lading. Mijn lichaam geeft dat gewoon aan!

Systemische kracht

In het systemisch werken is het ‘blanco’ aanwezig kunnen zijn belangrijk om in te pluggen in het grotere geheel. Daarvoor is het perifere zicht handig, om  de impulsen in je eigen lichaam helder te ervaren. Dat is waar je mee werkt voor de client, zodat er inzichten en helende bewegingen kunnen ontstaan.

Bewaker van mijn gezondheid

Uiteraard is dit niet de eerste keer dat ik zonder focus kijk. Voor intuitieve impulsen is de perifere blik voorwaarde. En daar heb ik ruimschoots ervaring mee. Van de nacht dat ik wakker werd en wist ‘mijn auto wordt gestolen nu’, naar het balkon rende en 3 jongens mijn auto zag meenemen, naar het aanvoelen wat er speelde bij clienten en hoe daar samen bij te komen, naar de vele keren in het moederschap, tot bij het aannemen van nieuwe medewerkers. In alle gevallen gaf mijn lichaam signalen vanuit een bredere blik.

Nu gaat het echter om mijn lichaam zelf. Het bewakingssysteem voor mijn gezondheid dat mijn aandacht nodig heeft. Ik herkende de signalen niet. Misschien door teveel focus op de buitenwereld, geforceerde timing, of te weinig waarde voor mijn lichaam en gezondheid. But, times they are changing.

’s Avonds bel ik lief ‘dag 1 van de opleiding en het is het nu al waard! Ik heb een grens gevoeld!’.

A story about me – a magical journey that is down to earth

A magical journey that is down to earth

Suddenly I can not walk properly after getting out of bed. I fall on the floor 3 times while trying. On my buttom I go down the stairs, telling my husband: ‘something is really wrong!’

This was the start of a long journey. I had double-vision, my ears didn’t work properly and had a severe tinitus. In the backside of my head a burning pain I never had in my life. Muscle- and jointpains and vertigo so strong that the world was spinning. I felt sick a good part of the day. I was exhausted, could not take much light or sound. I vomitted after sitting upright longer than 10 minutes, after a talk or watching tv.

Reading, household or taking the children to school was no longer an option. I could not do my fantastic job as a social-legal worker and hardly spend time with my husband and our children. I had to use a walker for the few minutes I could walk. And after 7 months, out of the blue, the ligaments in my knee and meniscus ripped.

Doctors and diagnoses
So, this all involved doctors, treatment-try-outs and diagnoses like neuritis vesitbularis, a persistent virus, vertigomigraine, fybromyalgia, B12 deficiency, Hashimoto disease, buckethandle-meniscus that needed surgery. In 18 months it summed up: 73 times contact with doctors, 77 treatments and research, regular and alternative. I tried different medication, that mostly did not help. Only Thyroid meds and weekly B12 injections stayed.

Lessons in life and yoga
On the other hand there was the yogapath I was on. After the first 3 months, my yogateacher Ankan, Yoga Kumar, came at our home, to help me start yoga again and give individual advice.

I remember laughing, as I could hardly stand straight, when he suggested balance postures. But he was serious. So with some ajustments I did practice balance too. Within my limitations, but a goal was set! I could, at that time, practice yoga only 5 minutes each day. After half a year I could come to class and join 25% of it, while I had to rest the whole next day. But, I kept practising yoga daily, just the minutes I could. The combination of knee and head problems brought a lot of difficulties.

After 12 months into the disease-proces, I had a knee surgery and in the next 4 months, yoga and physical therapy helped to move forward with baby steps. Yoga helped me from the start to accept this new reality for the time being. I was finding new ways to connect to my body and take my lessons out of this period. And this time of not being able to work or do much in the house, gave an opportunity to practice ‘just being’.
Also the education in constellation work I took, did help to break through some old paterns, that appeared to have physical influences. This too was helping me to bare through the consequences of the disease.

Life changing choice
But, recovery did not take further and therapists found a strong limit on my capacity that was not stretchable. We made the best out of each day as a family, but the challenges in daily life and as a mother and wife were still huge.

That was when Yoga Kumar pointed us to India as direction for my health: more yoga and Ayurveda. This advice was an immense turnaround and an emotional rollarcoaster. We had to quit our jobs, find schooling for the children to mention only 2 issues. Still our family of 4 felt a deep yes. It was an inner knowing that we should go and we decided to listen to that voice. So in july 2017 we flew to India, Maharasthra to land in Kaivalyadham Yoga Institute to stay for 10 months.

A long, intense and beautiful expedition followed. Physically, mentally and spiritually. Ayurvedic doctors prescribed yoga as therapy and Ayurvedic treatment. We ate Satvic food. My weeks were filled with 4-5 times yogatherapy and ayurvedic treatments. And we were together on the yogic 8 folded path of Patanjali: being aware on how to treat others and ourselves healthy, via asanas, be conscious of breathing and our senses and practice concentration. It was the real deal.

Peace of mind
Traditional yoga is working on the mind. I learned to stay within my comfortzone, instead of always discovering outside. The balance between activity and relaxation was disturbed in me. Looking back I realized I never really took recoverytime after intense activity. In the traditional classes I noticed how important it is. How my body needed the shavasana after a posture. How my mind became more quite, since it didn’t have to follow up on all of my great ideas :), prove myself, or do all the important things I did. My mind was less busy forcing myself to reach a little higher than I could, so it found space and peace that my body needed to start recovering.
In the meantime Ayurvedic treatment worked on my immunesystem, detoxing and painrelief. This helped a great deal physically and on calming my mind too, as pain is very disturbing, either if you try to ignore or give it attention.

West meets East
This whole lifestyle worked integrated with the western medicin I (for now) need. The western hospitals are experts in trauma (like when you break a leg) or medication for a serie of diagnoses. But for lifestyle diseases, that are so common and in such a variety among us, it falls short. The ancient wisdom of yoga and Ayurveda is complementary. This works both ways. Science is finding that more and more too. Many times I felt deeply gratefull, to experience east meets west in a profound way. That I, we all as a family, took the plunge to turn our lives upside down, to encounter recovery, grow, adventure and so much love.

Good to hear, but what happened next with your health?
After two months India, I swapped my walker with a stick and I could walk like this for about 15 minutes. After 2 more months I am walking without stick or any help. In yogaclass I can do all postures now, without someone holding me.

One more month and I could drive the scooter. Two 2 years (!) after the disease came along I took my children to school again by myself!
The Vertigo is less, my eyes work better, so I can read again, energy is more, pain less, tinitus reduced big time, I spend less hours in bed during the day.
Every 2 months I was tested at the Scientific Research Departement of the Yoga Institute Kaivalyadham and the tests on strength, coördination and balance stated huge improvement. So the testresults corresponded with my daily life.

A final touchdown and first new steps
I could move from therapy-yogaclass to basic class in january 2018. When we returned to The Netherlands the end of April, I even finished a 200 hours yogainstructor course!

I started to develop and conduct workshops for teachers with my husband ‘how to teach yoga to children’. Learning about this lifestyle in a fun and traditional way, will benefit the children ánd parents & teachers on many levels. Slowly I pick up coaching again, now with the addition of the powerfull ancient sciences.

Bringing forward the Yoga & Ayurvedic lifestyle that supported me to great extend physically, mentally and spiritually, is the natural way to go. New chances will be unfolded and I am ready to take each new step!

Zeven tips in Zuid-Goa voor reizende families

Gepubliceerd op mamaschrijft op 4 maart 2018

Zeven tips in Zuid-Goa voor reizende families.

In de afgelopen drie maanden zijn we gaan houden van India, van de gebruiken in ‘onze’ staat Maharasthra. Van de vrouwen in Sari met gewicht op hun hoofd, het ongeregelde verkeer, het onverwachte, de overgave die nodig is, de natuur, de met hart en ziel gevierde festivals, de mensen die de liefde voor yoga, ayurveda en de locale keuken aan ons voorleven. Zelfs van de ‘inefficiëntie’ (in mijn referentiekader) die India kenmerkt.

Diwalifestival

Maar tijdens het Diwalifestival in oktober, vrij van opleiding en school in India, gingen we ‘op vakantie in eigen land’ en reizen we af naar zuidelijkere oorden in India: GOA. Het noorden van Goa van zoek je veelal op voor de parties, een uur tot anderhalf naar het zuiden tref je de gemoedelijke relaxte sferen aan. Het is een paradijselijke gezinsbestemming door onder meer de palmbomen. In tegenstelling tot de rest van India, is het hier geaccepteerd dat je als vrouw in bikini/badpak gaat zwemmen en spaghettibandjes en korte rok/broek draagt. Voor de Nederlander die van reizen uit: doe eens gek in de kerstvakantie, meivakantie (of nog gekker een week in de herfstvakantie) vluchten vanaf Brussel zijn regelmatig in de aanbieding. Let wel op de moessontijd van jul/aug tot begin oktober.

Maar misschien ben je als gezin, net als wij, wel langer in Azie of zelfs India, ook dan is Goa een vakantieplek bij uitstek.

Om je op weg te helpen: 7 try-these-as-a-family-in-Goa tips!

  1. Namiddag op het strand van Palolem. Het strand van Palolem aan het einde van de middag: prachtig door de ligging tussen twee uitstekende rotspartijen, de palmbomen die nog te zien zijn aan de waterlijn en de onbeschrijfelijk mooie zonsondergang. Deze ervaring was de eerste van onze vakantie. De paradijselijke toon was meteen gezet. Vergeet niet wat silhouet foto’s met je kids te maken!
  2. Royal Garden Estate als uitvalsbasis. Boek in Palolem een kamer met zwembadzicht bij Royal Garden Estate (via booking.com te vinden). Het is ietsje van de kust af, op een rustige plek met een prachtige groene tuin met bloemen en een zwembad. Onze kinderen doken er elke ochtend voor het ontbijt in en liefst ‘smiddags ook nog even als we thuis waren. Satay, de host, was een fantastisch snelle vriendelijke regelaar. HIj pikte ons op toen de taxichaffeur de locatie niet snel kon vinden en was er binnen 10 minuten als we iets nodig hadden. Het appartement is ruim, de bedden prima en de keuken van alles voorzien. Er is voor de lunch een restaurant aanwezig, maar wij kozen voor eten buiten de deur.
  3. Agonda voor strand en eten. Bezoek het strand en een van de overheerlijke strandtentjes in Agonda. Hier hangt een wat Europesere sfeer dan in Palolem, met toen wij er waren, veel Engelsen. Het strand is breed en zacht en er is heerlijke verse vis te eten. Maar ook voor vegetariers, zoals onze dochter (en wij doen vrijwel altijd mee) is er volop keuze. Dat geldt overigens in heel India. Vergeet onderweg niet wat te eten, chai te drinken of een ijsje te halen bij het verrassende restaurantje onderweg van Agonda naar Palolem. Je kan er boven zitten met uitzicht over de (net na de moesson) intens groene natuur en heuvels. Het is zo’n plekje waar ik gelukkig van wordt. Knus, hangende kralen met hartje ipv ramen tegen de muggen, hangende vruchten aan de boom er vlak naast en geen gebouw binnen het gezichtsveld. We kinderen werden hier geinspireerd om na te denken hoe hun ideale plek er uit ziet en hoe we die in Nederland zouden kunnen maken. Het is ook nog eens heel goedkoop.
  4. Galgibag en Tapona voor verlaten natuurschoon. In het zuidelijke stukje Goa is de natuur prachtig en vind je steeds meer rust. Tapona is een piepklein vissershaventje en in Galgibag zijn de stranden verlaten in oktober/november en zelfs in het hoogseizoen is het er rustig. Als je hier in het juiste jaargetijde komt, kun je de kleine schildpadden uit hun eieren zien komen. Het strand is door de regering beschermd als broedgebied voor schildpadden. Wij vonden een familierestaurantje met 2-3 tafels, een hangmat en verse krab, vis en heerlijke groenten en zelfs friet voor de kinderen, met uitzicht op het strand. De rit naar deze plek toe is fantastisch door de natuur en het op zichzelf al waard!
  5. Reggae food in Palolem. Hét restaurant dat we dagelijks bezochten voor lunch of diner: Upside Chill Out. We probeerden alternatieven, maar kwamen toch steeds hier terug. Ook dit is een boven-plekje. Het biedt uitzicht op de winkelstraat van Palolem. Aan de straatkant zijn twee lounge plekken ingericht, waar onze kinderen naar toe renden om overheerlijke Indiase gerechten: Momos en Biriyani of een (vegi-)burger en de lekkerste ijscoupe ever, Hello to the Queen, te bestellen. Reggae muziekje op de achtergrond en lekker nagloeien van de goan sun. Ook zijn de prijsjes fijn hier. Je moet alleen niet schrikken als er een backpacker een blowtje komt doen. Onze kinderen keken nieuwsgierig vanaf onze loungeplek toe en wij konden er een luchtig pedagogisch moment van maken.
  6. Workshop Macramee. We vonden een fantastische winkel in de winkelstraat van Palolem. Iets minder goedkoop als de rest, maar betaalbaar en met andere kleding dan al hetzelfde in de straat. Prachtig mooie en kwalitatief goede kledingstukken uit Rajasthan. En dan werkt daar Himanshu, die een natuurtalent in macramee is. Hij leerde het van zijn vader, die het van zijn grootvader leerde. Hij geeft workshops, ook aan kinderen, met engelengeduld, gewoon op de grond in de shop. Hij hoopt einde van dit jaar een eigen shop te hebben. Onze dochter van 8 maakte een paar geweldige dromenvanger oorbellen. Onze jongste van 5 was eigenlijk net te jong. Himanschu bleef haar betrekken en helpen, tot ook haar armbandje af was. Ze zijn ruim een halve dag bezig geweest voor €7 per persoon. Mijn echtgeliefde en ik zaten afwisselend bij hen, terwijl de ander ging shoppen, iets eten scoorde of op het strand liep. Aanrader!
  7. Huur een scooter. Ok, het is misschien even omschakelen als Nederlander gewend aan allerlei verkeersregels, maar als je durft is een scooter dé Top Tip! Voor zo’n 3-4 euro per dag, heb je de vrijheid om door Goa te rijden en je favoriete plekjes per ongeluk te vinden. Sowieso is het een heerlijke ervaring, op de tweewieler, door de mooie natuur met vele palmbomen en de warme wind om je lijf. Een echte Indiase ervaring door als gezin van vier op zo op pad te gaan. En onze kinderen genieten net zo hard van het vrije gevoel als wij. En vergeet niet zelf nieuwe magische plekken te vinden. Enjoy this place met de zwoele avonden en heerlijke ontspannen sfeer.

Oefenen met de dood

Gepubliceerd op mamaschrijft op 9 februari 2018

Oefenen met de dood

Met ogen vol verdriet staat ons vijfjarige meisje bij de vierkante vissenkom. Op de bodem een vrijwel levenloze sluierstaart. Haar visje sinds 2 jaar, Mickey. Ik schiet heen en weer tussen haar verdriet ruimte geven en gedachten als ‘het is maar een vis’. Ineens weet ik weer dat onze dode vissen vroeger gewoon door de wc gespoeld werden. Ik schreef er dan achteraf over in mijn dagboek en tekende er tranen bij. Ik besluit dit proces met dochter in te gaan.

Opties voor herstel en aandacht

Samen kijken we naar de zieke vis, ik zoek op internet oplossingen of tips en lees dat ik het beste het diertje dood kan slaan. Enigszins voorzichtig, met andere woorden dus, breng ik dat nieuws. Ze is vastberaden ‘bel een dierenarts!’. ‘Uhm, er is geen vissendierenarts, liefje’. Dat is beneden alle peil, dat dierenartsen vissen niet belangrijk genoeg vinden. En als haar rechtvaardigheidsgevoel zich zo laat zien, vind ik dat ze daar wel een punt heeft. Dus ik denk even na en bel dan de dierenwinkel die ook vissen verkoopt om doktersadvies te vragen.

De vriendelijke stem aan de andere kant geeft, na enkele vragen, ook het advies om de vis te doden. Ik vertel dat er een vijfjarig verdrietig meisje naast me staat. De stem doet een onvoorstelbaar lief aanbod: ‘kom maar met de vis en het meisje naar de winkel’.

Dat stelt dochter even gerust. Ik vraag haar wat ze voelt of nog wil zeggen aan Mickey. In tranen stamelt ze wat. Ik vraag of ze een briefje wil schrijven. Ze zit al met stiften en papier voordat ik uitgesproken ben. Een brief aan Mikey wordt het. Die op de kom geplakt wordt. Zo staan we 10 minuten later in de winkel met een gele brief. Onderweg in de auto bereid ik haar voor dat er grote kans is dat haar vis toch dood zal gaan. Ze knikte alleen maar.

Waarom zo serieus rond een bijna dode vis?

Intussen ben ik dankbaar dat deze dood enigszins aangekondigd komt en ik als moeder haar kan helpen om te gaan met de emoties die horen bij de dood. Alle fases van rouwverwerking zullen voorbij komen. Ontkenning (zit ze middenin nu), boosheid (een verdedigingsmechanisme dat haar nu al kracht geeft), het gevecht aangaan (of eigen doelen opleggen), depressie (het machteloze gevoel dat je echt niets kan doen aan de dood) en tot slotte aanvaarding. Ik bereid haar graag voor, nu bij deze vis, op de verliezen in het leven die zonder twijfel gaan komen.

Ik wilde schrijven ‘deze vis als minder groot verlies’, maar dat klopt feitelijk niet met de emoties die overweldigend groot kunnen zijn bij de dood van een huisdier voor een kind. Het verdriet, de machteloosheid en boosheid staan op zichzelf, niet evenredig met de oorzaak. Dat is de reden dat ik haar nu volg en begeleid. Zodat ze, op een dag als ze volwassen is, of als ik er niet meer ben, gereedschappen in zichzelf heeft klaarliggen, om met heftige emoties en situaties om te gaan.

Meebuigende medewerkers en een intuïtief kind

De winkelbediende loopt ons voor naar de aquaria. Ik blijf op de achtergrond. Mickey mag een nachtje tussen andere vissen ‘om te zien of hij zal opknappen’. Ze staat met haar neus tegen het glas te kijken. Als ze ziet dat de andere vissen Mickey porren en duwen, schreeuwt ze het haast uit in tranen. ‘Hij moet eruit, haal hem eruit, ze vallen hem aan’. Mijn rationele neiging tot uitleg ‘dat dieren zo met een ziek dier omgaan’ hou ik voor me. De winkelmevrouw pakt het anders aan. ‘Ik haal hem eruit en we zetten hem bij de jonge visjes. Die zijn vast liever voor hem.’ En zo geschiedt. De babyvisjes laten Mikey met rust. De brief mag op het aquarium. Morgen komen we weer kijken.

Als we de winkel uit willen lopen, draait onze vijfjarige zich om ‘als hij vannacht doodgaat, wil ik hem ophalen. Bewaren jullie hem dan?’. De verbaasde gezichten achter de toonbank knikken.

Ik ben verbaasd over hoe ze precies weet wat ze nodig heeft en dat ook gewoon durft uit te spreken. En leer zelf ook een beetje bij. Ze huilt onderweg naar huis nog even.

Begrafenis

Mickey gaat die nacht dood, wordt de volgende dag opgehaald en thuis in een door dochter gemaakt doosje met watten gelegd. Ze graaft met papa en zusje een gat in de tuin. Zusje van twee zwaait en zegt ‘dag isj’ als hij het gat in gaat. Mijn dochter maakt zelf nog een herdenkingsteken voor in het zand. Die mept ze met een hamer de grond in boven de vis.

En dan? Dan is het klaar. De tranen hebben gestroomd, de daden zijn verricht en de vissenliefde kreeg ruimbaan. Ze gaat over tot de orde van de dag. De weken erna zegt ze soms dat ze Mickey mist. Ze wil geen nieuwe vis.

Tot op een dag ze wel een nieuwe vis wil. Het is geen vervanger. Hij krijgt een nieuwe naam en er ontstaat een nieuwe vissenrelatie.

https://www.mamaschrijft.nl/wp-content/uploads/2018/02/IMG_2599.jpg