14 juli 2017

‘Ik wil naar school hier!’, zijn Jana’s eerste woorden als ze op dag 3 in India wakker wordt. Tim en ik kijken elkaar lachend aan. Enkele weken geleden zag ze school in India nog niet zitten. We hebben afgelopen nacht lang geslapen alle vier. Dat was wel even nodig. Enkele keren werden we wakker van de bizar harde moessonregen die op het dak sloeg, maar het heeft ook iets rustgevends om weer bij in slaap te vallen. Ontbijt hebben we lang en breed gemist en Tims afspraak voor de registratie voor de opleiding ook bijna. Met de riksja, alle lokale blikken gaan naar mijn rollator die Tim buitenboord vasthoudt, zijn we net op tijd. Ik maak intussen een eerste afspraak bij de senior ayurvedic arts hier, die ook in het ziekenhuis werkt, voor morgen.

We are like water

We merkten in onze voorbereidingen vooraf, dat India niet vlot werkt met dingen telefonisch of per mail regelen. Wij als westerlingen hebben daar nogal behoefte aan en het lukte dus niet altijd om die te stillen. Onze Indiase vriend in Nederland sprak de inmiddels geveugelde woorden “don’t worry, we are flexibel, we are like water”. Wat zoveel wil zeggen als: Op papier nogal strikt, maar als we daar zouden zijn, zou iedereen onze noden graag vervullen.

Dat blijkt vooralsnog te kloppen. De manager leidt ons rond, zodat iedereen weet dat we hier horen. Hij vraagt wat we nodig hebben in ons appartement en zet meteen wat mensen erop om dat te regelen. Althans, een begin te maken (het blijft India: ‘morgen’ is het geregeld). Ook spreken we met de CEO, de hoogste baas hier, de uitzonderingsituatie voor ons gezin door, ook wat betreft de verplichte tijden voor de opleiding van Tim. Nu hebben we officieel akkoord, zodat ik elke dag kan rusten en wanneer nodig behandelingen kan krijgen. We voelen ons erg welkom. En oefenen zelf ook met de flexibiliteit als de stroom uitvalt, of de wegen rivieren zijn en we tot onze enkels door het water gaan. Maar eigenlijk vind ik ons al reuze flexibel! Zoals Jana het zegt: ‘ik vind India wel ons land’.

Foodrituals

We lopen naar Anapurna voor de lunch. Er wordt volop gewend aan ons gezin hier op de campus. Dat is nog niet eerder gebeurd, een gezin hier, en de meiden blijven maar lachjes, aaien over de wang en vragen ‘what is your name?’ ontvangen. Ze laten het rustig over zich heen komen en geven steeds braaf antwoord met hun naam en leeftijd. Alle schoenen blijven buiten, dus op blote (natte!) voeten lopen we de eetzaal in. Er liggen per persoon matjes met een tafeltje ervoor dat 7 centimeter hoog is. Ons eten scheppen we op borden en lopen naar een matje. Eten mag hier met de hand, zelfs rijst. Dat is een feest voor Jana, die houdt er in Nederland ook van om het eten echt te voelen. Dat gaat haar van ons alle vier ook het gemakkelijkst af. Gelukkig zijn er ook lepels beschikbaar.

 

Wel was het nog even wennen voor onze linkshandige Jana. Je eet hier met rechts. Je linkerhand is ‘onrein’, die houd je voor jezelf, daarmee veeg je op Indiase toiletten je billen met water schoon. Daar hoor je dus niet mee te eten. Maar na enkele maaltijden eet ze al vlot met rechts. Ook voor Isha was het even wennen. Zo in kleermakerszit op de grond zitten en dan rijst zonder knoeien (ze letten hier erg op reinheid) in je mond krijgen, is een hele kunst! Maar ook zij eet na enkele maaltijden vlot het (totaal ander soort) eten op. We zijn gezegend met twee meiden die van eten houden en alles wel willen proberen. Alle ogen van de eetzaal gaan vertederd naar Isha, die zich daarvan niet bewust is. Jana staat na het eten zelfstandig op, loopt naar buiten om haar bord, lepel en bekertje af te wassen en schoon terug te brengen.

Discover school

Gezien de uitroep vanmorgen, besluiten we het tunneltje naast de eetzaal door te lopen en een blik op hun toekomstige school te werpen. We kunnen tot onze verrassing direct bij de principal terecht die belooft er alles aan te doen dat Jana en Isha het fijn gaan hebben op school. Ook zorgt hij direct voor een rondleiding. Dit heeft gillende meisjes en jongens tot gevolg die het liefst allemaal een hand of high five willen geven aan onze blonde dames. Bij grade 4 wordt Jana voorgesteld als ‘new friend’ in hun klas en ze zingen spontaan een liedje voor ons. Ik kreeg er tranen van in de ogen. Ook hier vragen tientallen kinderen naar de naam of waar we vandaan komen. De school heeft vaste lokalen voor de groepen om talen te leren. Andere vakken zoals rekenen, kunst, muziek, computerles of yoga hebben allemaal een eigen lokaal waar ze volgens schema heen gaan. Jana wil het liefst komende week al beginnen. Maar eerst nog wat papierwerk.

Als we weer buiten staan, raust Isha door het zeiknatte speeltuintje aan de voorzijde, terwijl ik zittend het geluid van de enthousiaste kinderen uit mijn oren laat gaan en we wachten op de riksja die ons thuis brengt. Ik val meteen in slaap.

In case of emergency

Eind van de middag hebben we een afspraak met de arts die voor de dagelijkse gang van zaken verantwoordelijk is op de campus. We bespreken waar we moeten zijn bij noodgevallen en voor de huis-tuin-en-keuken-griepjes of allergieën. We horen dat het dichtstbijzijnde ziekenhuis maar 10 minuten van ons vandaan is en een state-of-the-art ziekenhuis een uurtje verder. Dat hier nog eens bevestigd te krijgen is prettig met twee kinderen met wie we regelmatig op de huisartsenpost zaten. Ook bespreken we Isha’s een-origheid, oorontstekingen en regelmatige buisjes operaties en krijgen het advies om vast kennis te maken met de kinderarts binnenkort. We hopen natuurlijk dat dit allemaal onnodige voorzorg is, maar het geeft wel rust.

Wrap the day

Met de Riksja, onze vaste driver Nitin inmiddels al, kopen we nog wat fruit op de markt, waar de meiden in het drukke verkeer hun eerste koe tussen de auto’s zien banjeren, er zullen nog vele volgen. Daarna kruip ik weer in bed al vóór het eten, terwijl onze doorweekte kleren overal hangen.

Deze dag was teveel voor me. Het blijft lastig op tijd te voelen wanneer het genoeg is. Zeker nu er in deze veel geregeld moet worden. Balans, blijft het woord, balans.