Reisagent voor avontuurlijke levenskracht en ongemak. Beweeg, speel en deel je vrij

Tag: ancient wisdom (pagina 1 van 1)

Je analytisch talent en nieuwsgierigheid gebruiken voor leven vanuit je lijf

Verstillen, ontdekken, bewegen en spelen met het zenuwstelsel. We zijn bedraad voor verbinding en de staat van ons zenuwstelsel bepaalt onze ‘realiteit’. 

Ons neurologische systeem heeft in ons dagelijkse leven (vaak onbewust) veel invloed. Op onze keuzes, de ervaring van welzijn, onze “overleef”-mechanieken en hoe we de omgeving waarin we zijn gewaar worden en ervaren en dus op onze manier van relateren. Het is ook een manier om stress en veerkracht te zien vanuit ons lichaam en gemaakt voor ontdekken en flow! 

Dan is het dus aan ons om nieuwsgierig te zijn naar onze eigen bedrading en die van een ander! Wat voel je in welke staat? Welk verhaal lijk je te denken? Wat gebeurt er dan in interactie? 

Dit komt volop terug in module 2 van Belichaamd Leiderschap en nemen we mee als  basis voor de modules die volgen!

Nu we het toch over deze module hebben, laat ik meteen een voorbeeld geven van de extra smeuïgheid die twee trainers kunnen brengen (naast natuurlijk eigen expertise en extra ogen en handen om ieder in de groep aandacht te geven).

Dus: wat maakt het zo tof om trainingen samen te geven? 

Het brengt afwisseling voor zowel de deelnemers als mijzelf, schakelen tussen praten, luisteren en bewegen en ik kan tussendoor even ‘uit’ en het ritme van rust in mijn systeem ruimte geven. Meteen dus een manier om mijn eigen zenuwgestel de ruimte te geven om vanzelf terug te komen naar ontspannen betrokkenheid.

En vooral brengt het samen doen extra kansen mee waarin we voorleven. 

Dat vraagt natuurlijk een interactie die veilig voelt en een waarin we beiden steeds onze vorm durven te vinden in het moment. 

Gelukkig is dat meestal zo 😉 Met veel experimenteren, aangaan en openen, is zelfs het (milde) onveilige in mijn systeem veilig voor me als we voor een groep staan. 

Het geeft deelnemers een lach als we het oneens zijn, of we bij elkaar op knopjes drukken 😉 

Afgelopen opleiding, tijdens de module over het zenuwstelsel, werd ik blij toen na een paar uur lijfelijk experimenteren ik de theorie stond uit te leggen en Tim me maande tot opschieten 😎 

Een deelnemer vroeg vrij wat dat met mijn zenuwstelsel deed, in welke staat of mix daarvan het nu was. 

Yes, daar hou ik dus van!! 

Zichtbaar luchtig kwetsbaar voor elkaar, deel van de groep.

Op zo’n manier komt leren via ontdekking in het nu, zijn we gelijkwaardig en stroomt het huidige moment vanzelf door ons heen, vormen we ons aan elkaar, steeds en steeds weer ‘nu’.

Lijkt het je nu ook giga interessant om je zenuwstelsel en lijf in te duiken om meer vanuit je lijf het leven de leiding te geven? 

De training Belichaamd Leiderschap geven we bij Mudita in drie maanden, startend in april of september. De training vraagt van jou een open nieuwsgierige houding naar jezelf als deel van alles in de wereld, een milde dosis lef en een vleugje exploratiedrang. En wij verwelkomen je van harte! 

(het is mogelijk met Stap-budget)

Monike Eigenwijs in Evenwicht | Tim Jana Yoga | Trainers bij Mudita Academie | We bieden de training ook incompany aan, op maat gemaakt voor het deelnemende team

De stilte roept en draagt – een week de eerste lockdown in

De stilte riep me luid deze afgelopen tijd. In isolatie op een Franse Berg. Zijn met wat is.
Zonder te willen redden (mezelf of anderen) of meteen in de actie te gaan terug naar functioneren.

Ik ben.
Zonder bezwering van de onrust, of dat nou gaat via oproepen tot lock down, complotinzichten of positieve energie het universum in sturen. Ik zag bijzondere online initiatieven, toch wilde mijn lijf, mijn ziel, niet mee.

Re-ti-rare – terugtrekken naar binnen, naar de essentie, de zingeving, daar was de flow.

Waar wil ik zijn?
Hoe wil ik zijn?
Met wie wil ik zijn?
Hoe draag ik bij aan het grote geheel?

We vertrokken de eerste dag tegen de stroom in.
Scholen dicht, alle lessen vervielen en dus ook al onze inkomsten. Naar de (waarschijnlijke) lockdown in Frankrijk, naar een uitgestorven bergdorp vol schone lucht, sneeuw, zon en liefde met familie.

Om te diep te verbinden met de aarde en het niet-weten.
Ik luister naar de berg in volledige isolatie.

Week 1 ging voorbij zonder dat ik iets poste op mijn tijdlijn, zonder dat ik inging op de vele mails met gratis online aanbod, zonder Netflix en met slechts een enkel whatsapp contact.

De kinderen startten vanuit de sneeuw met thuis-scholing. Ze werkten waar ze wilden en speelden waar nodig. Veel dus.

Als ik mijn iPad pakte omdat van alle kanten ideeën aangereikt waren om online toch aan inkomen te komen, legde ik hem binnen minuten weer weg. Niet uit de angst om zichtbaar te zijn, niet omdat ik me lamlendig voel of niet betrokken ben. Maar omdat mijn lichaam me de weg wees.

Wees stil. Ben hier.

Laat de digitale wereld. Luister naar de vogels, de beek die zich vult met smeltwater en de innerlijke roering. Voel de zon, de kou op deze hoogte en ruik de aarde. En dat deed ik.

Ik zong dagelijks om 8 uur s morgens in mijn eentje naar de berg een mantra. Omdat de plek in de zon me trok en ik er vanzelf heen liep. En elke dag bij dezelfde regel kwamen er tranen in mijn ogen en diep ontspanning, Het gaat over gedragen worden. Het grotere geheel, waar de berg met zijn grillige vorm symbool voor staat: het weet, wat ik niet weet.
De berg laadt me op en daagt me uit.

Deze week was mijn richting voor onze kinderen, mijzelf, ons nieuwe gezin van 9 en de rest van de wereld:
verbinding onder de oppervlakte, veilig gedragen voelen, emoties laten stromen, rouw erkennen, voeding voor lichaam en ziel ontvangen en volop genieten.

‘Hoe draag ik daarmee bij aan het grote geheel?’, vroeg ik, omdat de woorden nog ontbraken bij mijn diepere weten.
Een mooi mens antwoordde me: ‘Hoe meer we ons verankeren, hoe meer we bedding creëren met zn allen, van rust, liefde. Dus ja, zo draag je juist bij aan het grotere geheel’. Een andere vriendin appte me: ‘mooi hoe jullie een andere manier van kijken voorleven’.
En dat steunde me de ruimte te nemen om in de stilte te zijn en te wachten, te laten ontstaan als het tijd is.

We deden ook veel wel.

We aten twee keer per dag gezond met groenten en namen nodige supplementen.
We klommen dagelijks de berg op, buiten adem, en speelden met sleetjes.

We hielpen elkaar door te zitten met verwarring en voorbijkomende angsten.
We bespraken nieuws en deelden wat dat met ons hoofd en energie deed, zetten het uit en weer aan en weer uit.
We voelden angst toen Tim koorts kreeg en zich beroerd voelde, net als mijn zus en later Jana en Isha, maar ook nabijheid en vertrouwen.

We hielpen de kinderen met schoolwerk en leerden daar zelf van.
We lieten kinderen uithuilen en uitrazen in onze veilige armen en aandacht.

We starten elke dag op in verbinding met beide gezinnen, via yoga, gekke spelletjes en een eigenwijsje voor de dag en lieten oma in Nederland via beeldbellen meedoen.
We schreven enkele oprechte mails en wensen aan geliefden overal ter wereld.
Tim en ik lagen dagelijks tegen elkaar aan, liefde die overvloedig doorstroomt.

We vierden een hele dag de lente met taart, muziek, buitenspelen en zaadjes planten.
We vonden de eerste paarse bloempjes naast de paden waar de sneeuw net weg is.
We zien de lucht steeds blauwer worden.
Ik las met tranen in mijn ogen ‘en de lente wist het niet’ voor aan zus en lief.

We dansten een avond uitbundig met elkaar op ‘Leef alsof het je laatste dag is!’.

Ik ging op alle perspectieven staan rond dit virus en de ontregeling van de samenleving. Ik doorvoelde ze zover dat kan. Het gaat er niet om wat waar is. Het zijn allemaal delen van de werkelijkheid. Angst is geen tegengestelde van liefde, het is er deel van.

Lief en ik liepen met woorden, gevoelens en voorbeelden om de kern heen, de kern waar deze wereldwijde situatie een gevolg of uiting van is. ‘Een lek in het zwijgen’ noemen wij dat, naar een dichtregel die we in poëziedorp Watou leerden kennen.

Het onzegbare, te groot voor ons cognitieve brein, maar van essentiële waarde om aandacht aan te geven en er dus samen om heen te blijven lopen.

Ik ben vrij om te kiezen waar ik me mee wil verbinden.
Jij ook.

En vandaag voelde ik hoe de energie veranderde.
Er wil meer in actie door me heen, ook wat online, ook met bijdragen wat ik vanaf mijn unieke plek bij te dragen heb.
Ik ben nieuwsgierig naar hoe.

Vandaag was de eerste dag hier dat de zon niet scheen en ‘mijn ‘ (the one I talk to) berg in de wolken hing. En ik ging na onze yogastart, schooljuf-rol en ontbijt alleen de berg op, hijgend door de sneeuw, hoorde de bomen kraken, vond de eerste lentebloemen, zakte tot mijn knieën in de sneeuw (weet je hoe zwaar het dan is om zelfs maar 20 meter te lopen?!) en rolde zijwaarts de berg af. Gewoon om levenslust ultiem te ervaren.
Zodat ik daarvan vol gevoed weer door kan geven, naast zingeving (incl rouw, emoties, betekenis geven) en modderige spiritualiteit.

De eerste cliënt mailde me zojuist voor een online afspraak. Flow. Synchroniciteit.

Ik ben dankbaar. Dat we onze buik-keuzes volgen. Ondanks twijfel toch de vertraging en de afstemming volgen. Tegen de stroom in lijkt het soms, maar het is misschien eerder surfen op de onderstroom.

I wish us all well ❤ ❤

# 24 maart 2020

Dag van de aarde in mij

Ik vond het lang onzin om zo bewust stil te staan bij deze dag. De berg staat massief nu voor me.

Earth Day vandaag 22 april voor de 50e keer en de Alpen Reuzen zijn onverschillig. Voor de klein-menselijke keuzes, voor het lijden en de liefde. Mijn keuze voor aanraking of anderhalve meter afstand (die in Frankrijk overigens 1 meter is) maakt de berg niet uit. Ze zijn met wat is. Welk weer er ook over hen neerdaalt, ze bewegen op hun trage manier mee. Ze zullen er nog lang zijn nadat ik en mijn hele generatie dood ben/is. Dat betekent iets voor me: Overgave, vertrouwen & invloed.
Aan mij te ontdekken wanneer en waar ik wat te doen heb van die drie.

De bergen zijn grillig, de toppen niet glad, maar vol uitstekende punten, stukken sneeuw en stukken rots. Op de meeste plekken komt geen mens. Maar de uitdaging staat er, als ik wil kan ik die aangaan, de berg beklimmen en ontdekken waar ik sta met mijn conditie, mijn mentale staat, mijn emotie en mijn kunst tot genieten en het geven van betekenis.

De berg is ook een omhulling, ik ben omringd door vele pieken met schone lucht en geborgenheid. Ze weten van geen wijken voor de mens en zijn plannetjes. Er is meer dan wij ooit cognitief kunnen weten, zoveel weet ik 🙂 en daar staan ze mee om me heen. Ik kan hier zijn met al mijn verdriet, boosheid, vreugde. Getroost en gezien, zonder enige intentie van de berg. De doelloosheid maakt het veilig en puur.

En tot slot geven de bergen me overweldigende schoonheid. Niet te negeren zo diep. Het is een soort energetische voeding. Bij elke blik die per ongeluk op een van de toppen valt, voel ik een stroom van warm geluk door me heen gaan. Levenslust, een vanzelfsprekende glimlach. De schoonheid die ik wil inademen.

De dag van de aarde was voor mij jarenlang een beetje zeurderig hippie-ding en ook ‘overal moet tegenwoordig een dag voor zijn’ en ‘alleen een specifieke groep van de maatschappij viert deze’. Tot ik bij vier zusters van Liefde, mijn collega’s en werkburen maar vooral vrienden, uitgenodigd werd voor de ‘De Dag van de Aarde’. Dat zij, naast hun eigen traditie, deze nieuwe traditie omarmden vanuit hun eigen stevige waarden, maakte dat ik met tranen in mijn ogen in de grote cirkel van mensen stond die dag. Toen we een boompje planten in het midden en met elkaar stil bewust waren van de aarde waarop we leven en de zorg ervoor, was dat het begin van iets nieuws op mijn weg van levenslust.

Sinds die dag dansen we als gezin jaarlijks om het vuur voor de aarde, op allerlei verschillende plekken, we planten zaadjes en voelen de verbinding en eenheid. Zorgen nog bewuster voor onze planeet.

En vandaag staar ik honderden keren naar de toppen voor me, zoals ik de afgelopen weken dagelijks deed. Deze dag is geïntegreerd in mijn dagelijkse leven, met de aarde en de mens aan de basis van levenslustig en vol-ledig het leven met alles wat er is door me laten stromen.

#april 2020

Vrij verbonden – een Polyvagaal verhaal

Ze ligt met een vertrokken gezicht in diep verdriet te huilen in de armen van haar vader als ik binnen kom. Ik stap erbij op het bed. Laat mijn handen en armen de weg zoeken naar waar ze nu bij haar horen. Ze is omringd door delen van papa en mama (buik, borst, hart, handen en zoveel liefde), terwijl ze de emoties door zich heen laat gaan. Wij in vertrouwen dat ze dit kan dragen. Hoe zwaar ze het ook ervaart nu.

Lief vraagt of hij woorden mag geven aan wat er door haar heen ging voordat ik binnenkwam. Ze knikt. Ze wil dat ik het weet, maar wil het niet zelf herhalen. 

Opgestapelde andersheid

De opeenstapeling kwam er uit. Hoe anders ze zich voelt. Of hoe ze anders is volgens maatschappelijke normen. Ze verwoordde krachtig op welke onderdelen dat anderszijn speelt.

Het meisje dat veel in ‘jongensenergie’ door het leven gaat en vooral met jongens omgaat. De baby die in de baarmoeder haar tweelingbroertje verloor aan de dood en daar nog altijd bewust mee leeft. Het bewegelijke kind dat vaak ongelukjes en verwondingen oploopt. De creatieve geest die denkt en kijkt op een manier die ze niet overal om zich heen gespiegeld ziet. De doofheid van haar rechteroor, waardoor ze de wereld anders meekrijgt, het sneller onveiliger voelt, ze geluid niet kan filteren en haar brein geen locatie kan bepalen: ze hoort niet waar geluid vandaan komt. En de angsten die ze in zichzelf waarneemt, terwijl ze ook zo stoer is.

Er is in wezen geen probleem met haar anderszijn. Ze is vaak anders. Ja. En daar kan ze zich heerlijk bij voelen, of eenzaam. Allebei is waar, allebei is een ervaring en allebei is zowel belangrijk als onbelangrijk. En iets om oprecht te laten stromen.

Dus ja, ze is ook anders. Ze is eigen en uniek. En dat kan overweldigend voelen als je 9 bent. Of op alle leeftijden wel, zeker bij moeheid, of als er te weinig verbinding is geweest met mensen die je echt zien, of doordat de balans hersteltijd / sociale interactie tijdelijk scheef was. 

En wat we haar willen laten ontdekken is dat ze het aankan alles te ervaren en het ook weer verandert. In onze veilige nabijheid, die zich vanzelf uiteindelijk verinnerlijkt.

Zorghaken drijven als gedachten voorbij

Er is veel om aan vast te haken als ouders, veel optie om ons zorgen te gaan maken. Die passeren nu en dan via gedachten.

Want ze gaf niet alleen aan zich anders te voelen – wat op zichzelf mensen al kan triggeren om dat ‘positief te leren duiden’ als ‘ja je bent anders en dat is mooi juist’, of te ontkennen ‘ nee joh, je bent niet anders’ – maar er zaten ook existentiële vragen en dieptes aan vast.

‘Als jullie er niet meer zijn, dan wil ik ook niet meer leven’. ‘Waarom moeten we bestaan als mensen hier op aarde?’. ‘Ik wil soms dood zijn’.

Daar kun je als ouders natuurlijk van alles over vinden en alert en reactief van worden. Het zielig vinden voor haar en op willen lossen voor haar, zodat ze zich weer fijn voelt. We weten mede door dit wonderkind dat dat niet de weg is. Daar heeft ze niet wezenlijk iets aan, want er valt niets op te lossen, het is al perfect.

Aanwezig zijn als grootste cadeau

De kennis van de biologie van het zenuwstelsel helpt me daarin ook.

Dus we zijn aanwezig, kijken naar haar, voelen de diepe energetische verbinding en de overgave. Ik leg haar benen over die van mij en ze zoekt de aanraking van ons, het mannelijke en het vrouwelijke. Ze huilt met dikke snikken en soms enkele stotterende woorden.

‘Misschien ben je wel hier op aarde om dit nu te ervaren’, zeg ik. Overbodig voor haar lichaam, maar voor haar gedachten helpt het om aanwezig te blijven. 

Ze huilt nog even door, ontlaadt zich zo vanzelf van spanning, terwijl ze in verbinding is. Gezien en met bestaansrecht, ook in worstelingen of zielspijnen, met betekenis. En langzaam verzacht haar lichaam, haar adem en stroomt er een kalmte door haar heen. Keuzevrijheid in zichzelf komt terug.

We benoemen hoe omringd ze is door liefde, niet alleen van ons maar van geliefden, alle voorouders, de bergen, de kosmos en dat ze daar een mee is. Ze kijkt met diep open ogen, ontvangt en weet. Ze komt overeind en slaat haar hele lichaam om me heen. Dan legt ze haar hoofd op papa’s schouder, die haar naar bed draagt. Ze valt in een diepe herstellende slaap.

Rauwe blijheid naast ruw verdriet binnen liefde

De volgende dag gaan we met z’n vieren naar de voet van een gletsjer. Rauw hooggebergte. Smeltwater dat begin te komen in de kleine rivier die van de zomer nog overstroomde. Ze springt van steen naar steen, voeten in het ijswater, de zon om zich heen als een mantel. Ze roept hoe gelukkig ze is. Hoe blij. Hoe vrij ze zich hier voelt. Dat het de leukste dag van haar leven is en of we hier morgen weer heen gaan.

En wij kijken weer naar haar, terwijl we net zo gelukkig en verbonden zijn als gisteravond. Omringd door ancestors en liefde, die we zelf ook zijn.

Co-reguleren als oudertaak

Dit is naast al het andere wat er in kan zitten, ook de Polyvagaal Theorie in de praktijk, gezien vanuit de hoek van co-regulatie. Een van de drie principes (naast de hiërarchie in het autonome zenuwstelsel en neuroceptie) onder deze theorie is de invloed van menselijke zenuwstelsels en de staat ervan op elkaar.

Wij zijn hier als ouders co-regulators: doordat ons zenuwstelsel veilig en verbonden is (en we niet in sympathische activatie van oplossen of in verlammende bezorgdheid schieten) kan zij voelen wat er te voelen is in haar lijf en als vanzelf terugkeren naar haar eigen veilige en verbonden staat in haar zenuwstelsel.

Vrije vogel

Ze hoeft de inhoud van haar gedachten en emoties niet als vaststaande feiten mee te nemen, niet als waarheden, niet als ‘zo ben ik’ waarmee ze haar essentie laat beperken.

Ze beweegt zich tot in alle hoeken van emoties en zenuwstelsel staten, omdat ze die capaciteit nu al heeft, naast haar prachtige intensiteit. Ze neemt onbewust mee dat ze alles kan zijn, alle (emotionele, fysieke en mentale) vormen aan kan nemen. En dat ze daarbinnen altijd heel, gezond en stralend is, verbonden met wat groter is dan zij.

Haar wens van heel jong is, dat ze kan vliegen. Dat herhaalt ze regelmatig. Ze stelt zich voor hoe vrij, beweeglijk en geraakt door de natuur ze zich dan voelt. Wat ze nog niet beseft: ze vliegt al!

Over opvoedkundig falen en er bij zijn

Ik zit, nou ja, je zou kunnen zeggen ‘mokkend’ aan tafel. Ik ben alleen en neem een eerste hap van mijn bord. Het bord naast me is onbemand. Echtgeliefde is werken, één kind at onverwacht bij een vriendin en met het andere kind kwam ik tijdens het koken in een wat vaag conflictachtige situatie terecht en zij is boven. Eerder schoot ik in een kleine kramp door allerlei werk gerelateerde voorbereidingen voor een retraite. Mijn lichaam doet pijn, er is een tíkkie weerstand, een rommelig huis en kinderen die vakantie hebben. Dus logisch toch, deze geïrriteerde stemming, dat is gewoon vervelend voor me. Dus ik projecteer nog even op dochter die niet beneden kwam om te eten.

Als ze wel beneden komt, kijkt ze even verbaasd naar mijn half lege bord en barst in tranen uit. Ik reageer nog even uit mijn (zeer volwassen) mokstand, ‘ik riep net ‘waar ben je?!’ en je kwam niet’. 

Met meteen kortaf erachteraan ‘waarom huil je?’.

Ze kijkt even op en huilt met lange uithalen ‘ik moet gewoon huiuiuilen! Dat kan toohoch!?’

Ik adem meteen lichter, lach en kijk snel en mild naar mijn eigen mokgebeuren. Hoe fijn dat de laat-alles-er-zijn en veerkracht-blik me al zoveel jaren hielp mijn kind te leren dat huilen ontladen is, het uitnodigt om te verbinden en er niet (direct) een antwoord nodig is op vragen als ‘wat is er gebeurd?’. Én dat ik ook opvoedtechnisch soms mag ‘falen’. En mokken 😉

Ik sta op en krijg toestemming haar te omhelzen. De borden staan naast ons af te koelen. Ik laat haar huilen in mijn armen. Het plakkende gemok in me ‘ikhebgelijk, want..’ en ‘ikvoelmerot’, is compleet weg. Ik bemerk een vrije keuze om gewoon bij haar te zijn. ‘Wat een verdriet meisje’. Ze huilt nog harder. Als het afneemt en ze kan praten zegt ze dat ze dacht, dat ik gewoon wilde weten waar ze was en niet dat het eten op tafel stond. ‘Dat klopt’, zeg ik. 

En in mijn innerlijke ooghoek zie de neiging opkomen om te zeggen ‘maar je wist heus wel wat ik bedoelde’.

Ik doe er niets mee. Heel zen bedank ik mijn brein voor dit zelfbeschermende mechanisme (om toch mijn gelijk te halen in die kleine nuance) en kies opnieuw bewust. Want het voegt nu niets toe aan haar, ons, mij, of de wereld, om mijn (zelfs al voorbije) emoties via haar te rechtvaardigen.

Emoties komen en gaan, soms maken we ze onbewust. Steeds vaker kan ik ze observeren en ontdekken wat ze willen of laten. Door oefenen is mijn innerlijke vrijheid enorm toegenomen. Dit hele besef komt heel snel voorbij daar in dat moment op de witte tafelbank met mijzelf om een huilende dochter gedrappeerd. En ik maak een nieuwe kleine keuze: om mijn volledige aandacht weer aan dit mooie kind te geven.

Ze huilt nog een beetje, maar als ik haar verdriet nogmaals erken, golft haar verdriet huizenhoog op. Ze zegt snikkend ‘het lijkt wel of jullie wat ik voor jullie gemaakt waardeloos vinden. Jullie doen er niets mee, het ligt steeds weer op mijn bureau en ik heb er heel lang aangewerkt’.

Ik voel een steek in mijn buik. Dit moest blijkbaar nog gezegd. Zachtjes aai ik haar wang en luister geconcenteerd naar haar huilen. En vraag haar waar in haar lichaam ze het voelt. Keel, buik, hart, zelfs in haar armen.

Opnieuw zie ik een neiging bij mezelf opkomen, namelijk zeggen dat dat niet waar is, dat we haar en wat ze maakte niet waardeloos vinden.

Ik zie ook dat het haar gevoelens tekort zou doen als ik dat op dit moment zeg en dat dit haar op lange termijn niet zou helpen. Ik wil als moeder natuurlijk zeggen dat ze waardevol is, hoe bijzonder. Maar dat heb ik al heel vaak gezegd op rustige momenten en zal ik haar nog oneindig vaak zeggen.

 Nu zou ik het zeggen, omdat ik haar pijn in dit moment niet wil, eigenlijk niet aan kan. En wat voor boodschap geef ik haar daarmee? Dat deze emotie te zwaar is, ook voor haarzelf.

Dit zal niet de laatste keer zijn dat ze zich zo zal voelen. Dus mijn werkelijke taak is haar nabij zijn, zodat ze vertrouwt dat ze dit gevoel kan dragen, dat emoties komen en weer gaan. En dat ze tegelijk op een diep niveau weet dat ze waardevol is.

Ik ben dus stil en laat haar voelen. Dat zware. En ben bij haar. 

Stil

In de stilte dringt bij mij door hoe mooi ze het formuleerde. Ze was niet stellig en betrok het waardeloze niet op haar als persoon. Ik check dat na een tijdje wel even: ‘wat als we het echt waardeloos vinden?’.

‘Dat vind ik niet leuk’.

‘Zou jij dan minder waardevol zijn, of zouden je denken dat we minder van je houden?’

‘Nee!’, wel stellig nu.

‘Kun je dat naast dat pijnlijke gevoel voelen in je lichaam?’

‘Ja, dat past wel.’

Nu alles er mocht zijn, ze mijn vertrouwen mee kon krijgen dat ze dit aan kan en ik overtuigd ben dat het wel snor zit met haar eigenwaarde, zeg ik ‘ik geloof niet dat we het waardeloos vinden. Zullen we daar straks met papa nog even op terugkomen?’. Dat vindt ze fijn en met een lach draait ze zich naar haar bord. We eten gezellig kletsend.

Ik schrijf na het eten een blog 🙂

***

Radicale acceptatie. Van alles in je, van alles in je kind, van wat het leven voor je voeten gooit. Omdat het er nu eenmaal is, niet omdat je het leuk of goed moet vinden. Dat is ook yoga. Huh? Yoga is toch voor flexibele spieren, tot rust komen in je hoofd en fancy leggings op de mat? Nee dus!

Het gaat over innerlijk observeren, bewustzijn, ontwikkeling, verbinding, ‘zijn’ en actie. Dat klinkt natuurlijk lekker groots en vaag, daarom deel ik soms concrete momenten. En hoe oefenen me vele kleine andere keuzes hielp maken, die weer een grote impact bleken te hebben. Practice om de richting van het wijze lichaam te horen, om te vertrouwen, intuïtie ruimte te geven, levenslustig te bruisen en deel van aarde en samenleving te zijn in actie. 

#veerkracht #hsp #yogainhetdagelijkse #opgroeien #liefde #yoga #eigenwijsinevenwicht #goedzoalsjebent #emotieskomenengaan #waardenvolleven #zijninhetdoen #opvoedfaalkunde #mei2019

Bulder als het bos

Een element dat normaal zonder aandacht is, krijgt nu een stem: als voicemail.

Een van de spelers vertelt een verhaal over een (eventueel onopgelost) probleem. Daarna mogen de andere spelers achter (of voor) een scherm een voicemail inspreken vanuit een element uit het verhaal, de ervaring vanuit dat perspectief delen of een advies.

Eerst zit ik te luisteren en te kijken als medespelers opstaan en een voicemail laten klinken. Ik neem op wat er gebeurt. Mijn lijf heeft wat tijd nodig en na enkele minuten in deze stille achterover modus, merk ik dat ik ineens met een impuls overeind (nou ja ineens, met mijn huidige rug gaat dat met de nodige aandacht en tijd) kom en achter het scherm ga staan, onzichtbaar voor de speler die het verhaal vertelde.

Vanachter het scherm hoor ik mezelf ineens (nu echt ineens) als het ‘Bos’ spreken tot de speler, die in zijn verhaal in het bos liep. Het voelt heerlijk die donkere bosstem, die uit mijn lijf komt, de woorden die achter elkaar komen. Vooraf had ik geen idee wat ik zou gaan zeggen, het ontstond van achter het scherm. En ook nu, als ik dit achteraf opschrijf heb ik geen idee meer wat er gezegd is door me. 

Wat ik wel weet: het was heerlijk, grappig, luchtig en mijn lichaam ging bubbelen van die luide diepbruine bulderstem die uit me kwam. 

Andere wegen naar verbinding Het voelt ook als een mooie verbinding met de speler die het verhaal deelde. Ik zie hem niet, hij ziet mij niet. Maar ik ervaar dat zijn verhaal, dat ik vooraf in detail te observeerde, me nabij is en deel is van wat er nu door me heen stroomt. Ook al is dat een totaal ander perspectief dan hij vertelde.

Als ik achter het scherm uitkom zie ik de lachende ogen van de verteller en voeling nog steeds mijn lichaam. Ja er is mooie verbinding. 

In het dagelijkse zeggen we vaak wat we denken wat de ander wil horen, bevestigen we de ander omdat we denken dat dat fijn is, of laten we juist onze criticus aan het woord om op te komen voor onze eigen mening. Er is dan vaak minder eigenheid, minder energie en aandacht in het (eigen!) lichaam en daarmee is er minder ik/jij om mee te verbinden. 

Ik als talig persoon en met de liefde voor woorspel, taalkunst en kenner van de impact die taal heeft op ons brein en leven, doe liever niets af aan taal, de uniekheid van de mens met de centra van Wernicke en Broca daarin en hoe we daar gezond gebruik van kunnen maken voor expressie en verbinding. Leve onze verbale communicatie! En ook in deze oefening laat de verbale communicatie weten dat ik aandachtig heb geluisterd, dat de andere speler gehoord is door me. 

Én daarnaast is er meer. Als dat ‘meer’ ongezien is, kan het verbale juist afdoen aan verbinding, ons als mens in de weg zitten en beperken, ons als groep polariseren of (innerlijk) ongehoord en ongezien, of opgesloten laten voelen. 

We zijn zoveel meer als mens dan alleen verbaal (dus ook gedachten) te vatten valt.

In deze specifieke oefening, waarbij wij niet elkaars lichaamshouding zagen, elkaar niet geruststellend in de ogen konden kijken, is er nog steeds krachtige verbinding mogelijk, op een manier die we niet per se dagelijks ervaren of zelfs ontdekken. 

We verbinden via de taal van verbeelding, met hoe ik uit mijn lichaam geluid laat komen, waar en hoe klanken ontstaan, de taal van intonatie, geluidstrilling, de prosodie van mijn stem. Dit haalt me bij mijn lichaam en bij het leven hier en nu. Verbinding met mij. 

En al die onderdelen geven ruime informatie aan het zenuwstelsel van de ander, mijn speelmaatje in dit geval. Niet afgeleid door blikken of ‘kloppende’ perspectieven. Direct vanuit de klank, de trilling die geluid is, de beweging, energie en variatie van het geluid. Verbinding met de ander. 

Op ontdekkingsreis met mijn stem ben ik sinds een jaar of zes bewuster. In eerste instantie via yoga: pranayama en mantra. Ik leerde de klanken in mijn lichaam voelen en over de kracht ervan op gezondheid, energie en bewustzijn.

Emotie en schaamte kwamen ook kijken op deze reis. Het weerhield me yogische oefeningen met geluid te doen als Tim thuis was, of toen ik dat een beetje durfde, om klanken te maken in de tuin (want de buren..). In India kwam daarin verandering. Ik voelde hoe ik genoot, geraakt werd en onvoorspelbare verbinding kon ontstaan.

Ik ontdekte in die jaren dat ik niet de enige was en bij veel mensen hun eigen stem schaamte aanraakt als ze hem anders gebruiken dan verbaal inhoudelijk. En zo brachten we geluid maken (je stem laten horen, letterlijk) ook in onze lessen, retraites en schoolyoga (waar bij leerkrachten vaak meer terughoudendheid daarin was dan bij de kinderen..).

Toen kwam natuurlijkerwijs ook de reis met mijn stem via oertalen, die ik al bestudeerde en voelde, maar nog niet via de klank van mijn stem ontdekte. De talen waar de betekenis van de woorden nog verbonden is met de klank die ze hebben. In het oud-Hebreeuws en Sanskriet bijvoorbeeld. En zo ontdekte ik stemmen in me die nog nooit gehoord waren.

Het spelen met klank en stem kreeg tegelijk met al deze reizen nog meer ruimte in ons dagelijkse gezinsleven, tot ontroering en grote irritatie van elkaar. Heerlijk 😉 en merkte ik achteraf op dat ik soms bij een kind, buurvrouw of collega in de deuropening klanken sta te produceren uit ontroering, pijn, blijheidof wat er dan ook wil stromen 😅

En sinds een jaar mag mijn stem ook buitenspelen bij The School of Play. Zoals in bovenstaande oefening. En vloeien de woorden uit mijn vingers ik als ik er erover ga schrijven met een glimlach in verbinding, verbaal en non-verbaal.

Wijsheid in het woud

Nou meiden, meer jungle kunnen we jullie niet geven”. Ik kijk om me heen en kan alleen maar stil zijn. We zijn na drie uur klauteren, soppen en vallen, zonder een enkel bestaand pad te hebben gezien, aangekomen bij de waterval waarmee een zijrivier van de Rio Napo begint. Midden in het regenwoud, totaal verlaten van de bewoonde wereld.

Met een vriendin ben ik als twintigjarige naar Equador gereisd om een vriend op te zoeken. Vriend B, met wie hij daar is, beklinkt ons moment ergens tussen Tena en Mishualli met bovenstaande woorden. Alle vier worden we in stilte overspoeld door geluk. Ik neem een duik in het water en laat de tocht hierheen nog eens door me heen gaan.

Angsten, aanvaringen en acceptatie

Het was soms pittig, hijgend beklommen we rots na rots door de dichte begroeiing en soms trokken de jongens ons omhoog. Op een moment viel mijn vriendin verkeerd en haalde haar hand flink open. We waren niet op pad gegaan met een EHBO kistje en dit moest wel verbonden worden. Met een afgescheurd T-shirt is een drukverbandje aangelegd. En ze besloot toch door te gaan.

Ergens onderweg leun ik tegen een rots om verder te komen en schreeuw het uit. Mijn spinnenfobie wordt ultiem beproefd: er loopt een reusachtige spin over mijn hand, groter dan mijn hand zelf. Ik sta in shock na te trillen en besluit dat deze angst nu geen ruimte heeft. We moeten hoe dan ook terug naar de bewoonde wereld, die inmiddels 2 uur lopen ver is. We gaan verder. (Die nacht zal ik continu vreselijke nachtmerries hebben over spinnen die mijn leven overnemen. Achteraf een keerpunt, mijn fobie reduceerde de jaren erna tot ongemak rond spinnen.)

Het water slingert me onderuit, ik ga kopje onder en voel de natuurkracht volledig

Een stuk verder moeten we de rivier oversteken, vanwege onmogelijk door te komen begroeiing aan onze kant. Zorgvuldig is een plek in de rivier gezocht, smal genoeg om een touw te spannen. Een van de heren worstelt zich door de hevige stroom heen met één kant van het touw. Dan ga ik en ik voel me onoverwinnelijk. Spanning en blijdschap stromen door me heen en ik loop niet volgens opdracht stroomopwaarts langs het touw, maar aan de andere kant. Ik laat het touw zelfs even los om de kracht van het water volledig te ervaren.

Dan gaat het mis. Het water slingert me onderuit, ik ga kopje onder en voel de natuurkracht volledig. Vriend B aan de overkant gooit me een touw toe, terwijl ik met de stroom mee genomen word. Wonderbaarlijk genoeg weet ik dat met één hand uit de lucht te grissen, als mijn hoofd een moment boven water komt. Hij trekt me tegen de rots aan, waar ik met zijn hulp, trillende benen en moeite tegenop klim. Ik lach stralend van adrenaline ‘dat was een ervaring!’ en krijg een klap in mijn gezicht en een donderpreek. Of ik wel besef hoe dichtbij verdrinken het was en dat hij dan zijn leven had moeten wagen door me achterna te springen. Vriendelijk verzoek om de situatie serieus te nemen.

De angst voor afwijzing kan het niet op tegen de angst voor de hoogte, de val

En nu zwemmen we vreedzaam onder de waterval en klim ik voorzichtig achter vriend A aan omhoog tot halverwege de waterval. Doel is om er van af te springen, terug klimmen is te gevaarlijk. En dan blokkeer ik.

Ik durf met geen mogelijkheid. Hoe ze ook op me inpraten – en ik op mezelf- en wat ze ook voordoen aan sprongen, ik lijk verstijfd. De tijd verstrijkt en ik met mijn onoverwinnelijkheid voel me behoorlijk stom. Maar de angst voor afwijzing kan het niet op tegen de angst voor de hoogte, de val, of wat het ook is. Vriend A komt naast me zitten. Praat rustig, maakt grappen. Hoelang we daar zitten weet ik niet, maar samen komen we zover dat ik spring. Mijn gezicht vertrokken van angst en dan de bevrijding van het water, de opluchting en overwinning. Ik kom boven.

Van waterval naar wijsheid

Regenwouden, oceanen, of woestijnen en oude beschavingen als de Maya, Australische Aboriginals, of Kelten, hebben me vele keren geopend. Van alle reizen door de jaren heen raakten vooral die ontmoetingen aan een kracht in mezelf.

Enkele jaren terug deed ik vanuit deze verwondering een basiscursus Sjamanisme. We mogen daar een Axis Mundi (Latijn voor ‘wereldas’) vinden in onze herinneringen. Dit oeroude begrip geeft een verbindingslijn aan tussen het zichtbare en het onzichtbare, tussen het aardse en andere sferen. Via een geleide meditatie en de klanken van de trom, sta ik twintig jaar later ineens weer in de jungle van Equador, bij die waterval. Bijna net zo echt als toen.

Nu erover schrijvend, kan ik geen beter pad van verbinding bedenken dan dat. Daar vielen krachtinspanning, avontuur en overgave samen. Daar werd afzondering van de maatschappij gecombineerd met een wonderlijke nabijheid van mijzelf, rauwe prachtige natuur en vrienden. Daar werden grote angsten verbonden met moed en liefde en er was begrenzing. Ze reisden alle mee, op een manier waar ik toen aan toe was. Daar was ik deel van de wilde natuur. Daar heersten natuurwetten. Daar hing energie van het woud, die ons alle vier oversteeg.

Ik ben blij dat de herinnering levend werd en een levenslange hulpbron mag zijn. Die plek is toegerust me te verbinden met de wijsheid in en om me heen. Ik ga er regelmatig heen en reis door al dat moois in me.

Wat is jouw innerlijke plek waar zoveel samenkomt dat deze bijdraagt aan je evenwicht?